In 72 dagen (8500km) door Oostenrijk, Slovenië, Kroatië en Italië
Reisverslag van Lydia, Egbert en labrador Max
Dertig jaar geleden reisden Lydia en Egbert, net getrouwd, met hun vouwwagen naar de Balkan.
Zij wilden graag een keer terug, maar de toestand in voormalig Yoegoslavië stak er een stokje voor.
Gelukkig kunnen zij tussen 15 mei en 25 juli 2001 hun huwelijksreis nog eens overdoen.
Ditmaal in een camper, èn in gezelschap van hun hond, labrador Max. Ook krijgen zij op hun reis gasten: hun kinderen met aanhang.
Aan de Plitvice meren in Kroatië lijkt het of de tijd niet heeft stilgestaan.
Voor ons is het een weerzien alsof we er gisteren voor het laatst zijn geweest.
Alles lijkt nog net zo puur als 30 jaar geleden.
Maar helaas laat de oorlog haar sporen nog steeds achter.
Lees het verslag van de reis van Lydia , Egbert, kindreren en labrador Max naar Oostenrijk, Slovenië, Kroatië en Italië.
Een reis van maar liefst 8500 km in 72 dagen.
De voorbereidingen
Allereerst hebben we geïnformeerd welke documenten we nodig hebben voor de camper, onze hond en voor onszelf,
speciaal ook in geval van een ongeluk of bij ziekte. We hebben van de verzekering oa. documenten in de landstaal van Slovenië,
Bosnië-Herzegovina en Kroatië gekregen. Ook hebben we informatie ingewonnen bij het Tourist informatie bureau van Slovenië en Kroatië.
Ook hebben we nog wat extra regelwerk gehad, omdat onze kinderen ons op gedeeltes van onze reis zouden vergezellen.
Af en toe hebben we op campings in de buurt van een vliegveld gestaan om de komst van de kinderen af te wachten of hun vertrek te regelen.
Ze hebben ons op onze reis o.a. in Wenen, Kroatië en Venetië vergezeld.
Het vertrek
We vertrekken op 15 mei met als eerste afspraak: 23 mei om 17.00 uur op Vienna Airport.
Dus we hebben alle tijd en besluiten om via Luxemburg eens richting het Bodenmeer te gaan.
In Luxemburg is het goedkoop tanken, dus we gooien, altijd wel in voor een voordeeltje, de camper helemaal vol.
Met heerlijk voorjaarsweer rijden we naar het Zwarte Woud.
Via een stuk Uhrenroute komen we in Blumberg waar, in een mooie omgeving, een camperplaats is.
Op 26 december 1999 zijn hier bij een zware storm enorm veel bomen omgewaaid.
Deze stapel bomen worden goed nat gehouden, zodat men tijd heeft om ze te verwerken.
Ook was men bang dat de markt overspoeld zou worden en de prijs ineen zou klappen. Goed bekeken dunkt me.
Van al deze nattigheid raakt ook het weer een beetje van streek; het regent een paar dagen.
We bezoeken in Tangen in het “Freilicht “museum het “Romischer Gutshof”.
Het geheel is gelegen in een schitterende omgeving. Je krijgt er een goed beeld van Romeinse nederzettingen.
Ook raak je onder de indruk van het feit dat Romeinen al zeer goede voorzieningen hadden.
We vervolgen onze reis en komen via Singen, Radolfzell en Constanz bij het bloemeneiland Mainau.
Dit is zeker een bezoek waard. Mooie bloemen, bomen en een leuk vlinderhuis completeren een prachtig uitzicht over het Bodenmeer.
Bij Constanz pakken we de veerpont naar Meersburg. Een nogal prijzig tochtje, want het kost ons 32 DM voor 15 minuten varen.
Panne aan het dakluik (1)
In Meersburg komen we terecht op de camperplaats ( 5 DM met gebruik van toilet, e.d.).
Hier komen we tot de ontdekking dat er een dakluik spontaan is gaan lekken. Er blijkt een scheur in te zitten.
In Friedrichshafen hebben we het luik gelukkig snel kunnen laten repareren. Het weer verbetert nu ook langzaam,
daarom nemen we het besluit om de Vorarlgebergte in te trekken. De rijkelijk met sneeuw bedekte toppen liggen veel te uitdagend te schitteren in de zon !
Op naar Damüls in het Bregenzerwald, vroeger zijn we hier ook al eens met de familie op wintersport geweest.
Er ligt nog volop sneeuw. Ook de krokussen steken aarzelend hun kopjes boven de grond.
We hebben hier overnacht op de parking van de skilift.
En nadat we nog wat kennissen bezocht hebben, zijn we verder getrokken.
Via Bludenz-Landeck-Innsbruck-Worgl-St Johann i Tirol-Kitzbuhel-Mittersill-Bruck-Taxenbach-St Johann i Pongau zijn we naar Wagrain gereden,
waar we weer op de parking skilift gestaan hebben. Hier hebben we genoten van een paar waterspreeuwen die zeer druk bezig waren in een wilde bergrivier.
Schitterend zoals deze vogels zwemmen; een lust om te zien ! ’s Nachts is het erg koud
Op naar Vienna
De volgende dag vertrekken we richting Wenen. Onze route loopt langs plaatsen, zoals Radstadt-Schladming-Liezen-St Michael-Leoben en Kapfenberg.
Na een mislukte poging om alleen het slot van Kapfenberg te vinden, lukt het ons met de hulp van een patrouille gendarmerie.
Een spectaculair ritje met allereerst een snelle rit door de stad achter blauw zwaailicht.
Vervolgens hebben we een steile berg moeten nemen.
En het is dat de weg wordt vrijgemaakt, maar anders betwijfel ik of we het kasteel op eigen houtje gevonden zouden hebben.
Het uitzicht boven maakt alles toch de moeite waard.
En, Oostenrijkers kunnen toch wel toerist vriendelijk zijn, ook tegenover camperaars. We horen het tegendeel ook vaak.
Klosterneuburg, dè uitvalsbasis voor Wenen
Na dit intermezzo gaan we naar Klosterneuburg bij Wenen.
Op Internet heb ik vooraf een plaats besproken op de Donaupark camping. Gelukkig maar, want het blijkt er erg druk te zijn.
Deze camping is namelijk als uitvalsbasis voor uitstapjes naar Wenen, ideaal gelegen. We vinden het een echte aanrader,
zeker ook vanwege het vriendelijke personeel.
Op de camping is veel informatie te krijgen over leuke uitstapjes naar de hoofdstad en omgeving.
Ook accepteren ze campingcheques. Op de camping leek een reünie van Clou campers leek meer op een show van Smart.
We hebben ervan genoten. Prachtig om te zien !
De volgende dagen hebben we Klosterneuburg zelf bezocht. De bezichtiging van de Stifts kerk is de moeite waard.
In Wenen brengen we een bezoek aan het Central Friedhof. Dit kerkhof heeft een afmeting van maar liefst 2km bij 2 km.
Hier liggen bijna alle groten van Oostenrijk begraven of ze zijn herbegraven. Je ziet hier een groot aantal bekende namen,
voornamelijk uit de muziekwereld. Zij rusten onder vaak indrukwekkende graftombes.
Op meer afgelegen plaatsen bevinden zich de Joodse afdeling en de Islamitische afdeling.
Het is ook op deze rustige plaatsen waar je fazanten ziet rondscharrelen en, als je geluk hebt, reeën kunt zien.
Middenin het Friedhof ligt trouwens een prachtige, onlangs gerestaureerde, kerk in Jugendstil, een juweeltje!!!
We krijgen bezoek
Inmiddels is het 24 mei en samen met één van de kinderen doen we het Wenen wat elke toerist wel doet, denk ik.
We bezoeken de “Spanische Reitschule”, slot “Schonbrunn”, met groot “Sissi” gehalte,
en we maken een stadsrondwandeling met een gids. Dit laatste is een aanrader.
Je loopt doelgericht rond en leert de dingen beter te zien.
‘s Avonds hebben we een in de grote zaal van de “Musikverein” een Mozart concert bezocht.
Dit kan natuurlijk niet aan. het programma ontbreken. Er is meestal wel plaats.
Dus je kunt best ter plaatse boeken voor een concert naar keuze.
Paragleiten leren
Nu hebben we even genoeg van de stad en omdat het verkeer in het weekend rustiger is,
vertrekken we zaterdagmiddag naar Lackenhof. Lackenhof ligt ongeveer tussen Gaming en Gostling a.d. Ybbs.
Hier gaan we proberen om de eerste beginselen van Parapente of Paragleiten te leren.
Fred Danneberg van de Flugschule Otscherland is een ervaren instructeur, we treffen een leuke groep en ook het weer is op onze hand.
Na twee dagen rennen van hellingen maken de meeste van ons al een vlucht van enkele honderden meters.
We hebben een hoop gelachen. Overnacht hebben we ….u raadt het al, op de parking van de skilift en bij een boerderij van sehr freundliche Bauern.
Maar helaas, we willen nog meer zien en laten de groep op de helling achter.
Overigens, deze tak van sport is een echte aanrader, zeker in zo’n mooie omgeving en met onze goede instructeur.
Ons volgende reisdoel is Hallstatt. Via Hieflau, waar de rivier de Enns een soort knooppunt van waterwegen heeft gevormd,
rijden we verder langs Admont-Mitterndorf naar Winkl aan de zuidoostkant van de Hallstattersee.
Hier krijgen we op Camping am See een mooie plek van leuke uitbaters. Van hieruit kunnen we in 30 min. naar Hallstatt wandelen.
Over Hallstatt hoef ik verder niet veel te zeggen. Als je in de buurt bent, moet je het gaan bekijken.
Nu we hier toch zijn, is een volgende aanrader” Eisriesenwelt” in Werfen. We denken dit nog dezelfde dag te kunnen doen.
Je moet echter rekening houden met het feit dat het bezoeken van Eisriesenwelt meerdere uren duurt en na 15.30 uur kun je niet meer beginnen.
Reden voor ons om een bezoekje te brengen aan het slot “Burg Hohenwerfen”hier vlakbij.
Ze hebben er een interessante collectie roofvogels en houden ook shows met deze vogels.
Dit is zeker leuk om te doen, ook met kinderen. Vlakbij in Pfarrwerfen vinden we in camping “Vierthaler” een geschikte plaats om te overnachten.
En uitgerust staan we de volgende morgen om 9.30 uur op de parkeerplaats van Eisriesenwelt.
Al dat ijs is indrukwekkend en je moet het een keer gezien hebben.
In de “Dachstein” regio zijn trouwens nog meer van deze Eishohlen te bewonderen en je kunt hier ook prachtige bergtochten maken.
Pech aan het dakluik (2)
Omdat het weer niet meewerkt besluiten we op camping Tauern in Radstadt te blijven.
Hier ontdekken we dat we alweer een lek hebben, en nu van een ander dakluik.
Het zit ons wat dit betreft niet mee en omdat het al bijna middernacht is gaan we op zoek naar iets waar we onder kunnen staan.
En we vinden “onderdak” bij een viaduct ! De volgende morgen nemen we het gehele dakluik eruit en monteren het met nieuwe kit.
En nu maar hopen dat het niet meer lekt!!! Uiteraard moeten we nog even terug naar de camping om af te rekenen.
Waarschijnlijk kijken we zo zielig dat we niets hoeven te betalen. Nou ja, met een kleinigheid van ons is iedereen tevreden.
Nu het al bijna middag is, besluiten we om nog een stukje te rijden en in Schladming rijden we een eind de Planai op en gebruiken de lunch.
We hebben een schitterend uitzicht op Dachstein e.a. Het dakluik is ook lekvrij en positief gestemd rijden we via Liezen richting Leoben.
Zomaar ergens hebben we er genoeg van en rijden het dorpje Kalwang binnen. Er heerst hier een ontspannen sfeer.
We vragen bij een mooie, grote boerderij of we op hun terrein mogen staan. Dat is geen enkel probleem.
Tijdens de daarop volgende verkenning van het dorp, valt het ons op dat een groot aantal monumentale gebouwen allen dezelfde gele kleur hebben.
Dezelfde gele kleur als de boerderij waar wij staan. Bij navraag blijkt dat al deze gebouwen eigendom zijn van de Vorst van Liechtenstein,
die hier vooral in het najaar komt om te jagen. En de boerderij is de voormalige stoeterij waar nog niet zolang geleden zo`n 350 paarden hebben gestaan.
Nu staan er nog enkele tientallen. Na een goede nachtrust en een flinke ochtendwandeling rijden we via Leoben –Bruck a d Mur-Birkfeld naar het Natuurpark Pollauer Tal.
Het is een zeer karakteristiek landschap. Je kunt het vanaf de Pollauberg uitstekend bekijken. Je hebt hier bij mooi weer een schitterend uitzicht.
Over diverse kleine weggetjes en paadjes bereiken we dan Vorau, waar we bij de abdij van de Augustiner chor Herrn een rustige plaats voor de nacht vinden.
De volgende morgen, Pinksterzondag, is het een drukte van belang. Er staan allerlei kraampjes en de mensen zien er in hun traditionele kledij zeer feestelijk uit.
We horen dat die dag de Kardinaal aan een groot aantal jongeren het vormsel zal toedienen. De locatie is er uitermate geschikt voor.
Het plaatsje is sowieso een bezoek waard. Als je daar dan toch bent, kun je meteen een bezoekje brengen aan het Freilicht museum
dat naast het complex is gelegen en een goed beeld geeft van het leven uit de vorige eeuwen hier in deze streek.
Wederom naar Klosterneuburg, wederom bezoek
Onze volgende afspraak is weer in Wenen dus begeven we ons weer naar Klosterneuburg.
De volgende dag halen we onze zoon en zijn vriendin af. Tevens leveren we onze dochter en schoonzoon af .
Zij gaan weer huiswaarts. Met z`n allen hebben we “Schonbrunn” bekeken, wat rond gekeken in `t” Prater”,
nog een echte grote Wiener Schnitzel verorbert en afscheid genomen.
Dinsdag 5 juni zakken we af naar het zuiden over de A2 richting Graz.
We verlaten die bij Hainfeld. En bij Riegersburg overnachten we op de parking van een gasthof.
De volgende morgen als we richting Feldbach rijden, denken we dat we niet goed uitgeslapen zijn,
want we bevinden ons op “Route 66” . En die ligt toch in Amerika, dachten we ! Hier blijkt er echter ook één te zijn. Grappig!!
Slovenië
Bij Mureck steken we de rivier de Mur over die hier de grens vormt tussen Oostenrijk en Slovenië.
Vriendelijke douanebeambten wuiven ons het land binnen. Aan de bebouwing kun je zien dat we in een ander land zijn.
Alles is hier wat minder schoon dan in Oostenrijk. Dit valt vooral op in de steden, maar storend is het zeker niet.
Ptuj is de eerste plaats waar we de Sloveense cultuur beginnen op te snuiven.
Ook vinden we er een plaats op een nette camping net zuidelijk van de stad.
Een onweersbui bederft hier onze BBQ en brengt ons tevens op een idee.
Als er genoeg regen valt, staat er zeker genoeg water in de rivieren, zodat we kunnen kajakken, raften, oid.
Onderzoek leert dat er op de rivier de Krka wel mogelijkheden zijn. Dus vertrekken we over Pleyska Gora naar Dolenske Toplice.
Daar belanden we op een leuke camping bij een riviertje. Het dorpje zelf herbergt een aantal kuuroorden met heilzame waterbaden e.d.
Dit is te zien aan het grote aantal mensen met een handicap.
Bij het plaatselijke VVV krijgen we het adres van een bedrijf dat kajaktochten in het dorpje Krka in de gelijknamige rivier organiseert.
Kajakken op de Krka
Na een goede nachtrust vertrekken we vrijdagmorgen vroeg naar Krka om te gaan kajakken bij de oud Olympisch coach van Slovenië, Javoznik Borud.
Dat belooft veel ! We krijgen een briefing en na een inspectie van het materiaal gaan 12 mensen onder leiding van twee instructeurs het water op of af, hoe zeg je dat!
Het is een schitterende tocht met enkele spectaculaire jumps en de nodige kenteringen.
Aansluitend hebben we in het restaurant van Borud heerlijk forellen gegeten.
En onder het genot van een plaatselijk glaasje heerlijke wijn, hebben we met z’n allen de hele tocht nog eens over gedaan.
’t Zal duidelijk zijn dat we veel om elkaar gelachen hebben !
We hebben overnacht op het terrein van Borud. De volgende morgen hebben we uitgebreid handen geschud.
Als dank hebben we ook nog een heerlijke fles wijn meegekregen.
Weemoedig gestemd vertrekken we richting Plitvice meren in Kroatië. We moeten via een andere route dan gepland,
omdat een kamikaze piloot in een Lada jeep een ongeluk heeft veroorzaakt. Hierdoor is de weg versperd
Het blijkt een mooie route(voor een groot deel door en over de zgn. Velika Kapela) met heel, heel veel bos en slechte wegwijzers,
zodat we op een gegeven moment ongeveer 2 uur terugmoeten om een andere route op te zoeken.
In Mrkopalj passeren we een monument voor de gevallen partizanen uit WO II.
Het is ook hier geweest dat we een landgenoot de route van de Plitvice meren terug naar de kust aanwijzen.
Via Ogulin en Jezero komen we in Plitvica Jezera aan. We strijken neer op een prima plekje op de zeer grote en goed uitgeruste camping.
Plitvice meren; nog altijd schitterend
Rond het middaguur gaan we naar de Plitvice meren. Dit natuurgebied staat op de lijst van werelderfgoed en heeft gelukkig geen schade van de oorlog opgelopen.
Voor ons is het een weerzien alsof we er gisteren voor het laatst zijn geweest. Alles lijkt nog net zo puur als 30 jaar geleden.
Het water is helder als kristal met een diepblauwe/groene kleur. Je ziet de vissen zeer goed rondzwemmen.
Dit alles afgewisseld met de imposante watervallen, in de groene vegetatie met mooie bloeiende planten en struiken.
Dit is een absolute aanrader. Je kunt er naar hartelust wandelen en ook een tocht per elektrisch aangedreven boot hoort erbij.
Als je de hele route niet wil lopen, kan je ook een gedeelte per trammetje(bus) afleggen.
Om al het stof van de eerder genoemde bostocht van de camper te spoelen, hebben we maandagmorgen eerst de camper en de fietsen een flinke wasbeurt gegeven.
Vervolgens zijn we samen met Sania en Edouard, een paar Franse lifters, weer verder gegaan.
Via Knin, waar we de hoogte naar de plaatselijke burcht beklommen hebben, genieten we van een prachtig uitzicht over de omgeving.
En meteen valt op dat dit plaatsje een knooppunt van zowel water, spoor, als gewone wegen is.
We rijden verder naar Sibenik. De aanblik van het landschap vertoont eenzelfde dorre, als ook een eenzaam beeld als voorheen,
met vele verlaten huizen. Halverwege is de weg afgesloten. Zweedse blauwhelmen ontmijnen het gebied.
Dit doen ze met een enorm soort van tank. Hele velden worden letterlijk omgeploegd. De mijnen worden tot ontploffing gebracht.
Doordat we nu een zeer grote omweg moeten maken, komt ons geplande bezoek aan de watervallen in Krka bij Skradin helaas te
vervallen. Jammer, de volgende keer beter.. We hebben de nacht doorgebracht op camping Solaris in Sibenik.
Daar is het heerlijk toeven onder de dennenbomen. De camping grenst ook aan zee. Heerlijk !
De volgende dag bezoeken we het stadje en doen we tegelijk inkopen. Het is makkelijk dat je bijna overal in Kroatië gebruik kunt maken van credit cards.
Nog dezelfde dag rijden we via de beruchte kustweg naar het zuiden. Op deze weg rijden vele kamikaze piloten rond.
Het is het beste om je niet zenuwachtig te laten maken. Je bent geneigd om harder te gaan rijden,
doordat ze constant aan je bumper kleven. In deze weg zitten echter veel onoverzichtelijke bochten.
Niet doen, dus. In dit verband is het, denk ik, nuttig om te weten dat deze weg, en ook de wegen van de kust en naar Zagreb/Karlovac via b.v. Plitvice,
in het weekeinde zeer druk zijn !
We rijden naar het zeer mooie havenstadje Trogir en even voor het plaatsje Seget zien we camping M. Seget.
We bezoeken Trogir en gaan vervolgens naar de camping.
De camping is mooi gelegen aan het water en na een steile afdaling belanden we op een goede plaats.
De dag daarop willen we eigenlijk graag in de buurt van Split blijven, maar door het ontbreken van een camping of een goede plek,
verlaten we de stad en toeren verder langs de kust tot in Baska Voda. Daar vinden we een plek op camping Basca Polje.
Er is hier heel veel jeugd van veelal Poolse, Tjechische of Hongaarse afkomst en ze verblijven in een soort tentenkamp,
georganiseerd door een reisorganisaties die wat goedkopere reizen aanbiedt.Dit is gezien het prijspeil in Kroatië wel mogelijk.
Het zijn meestal campings met een matig, maar overwegend voldoende niveau. Het is eens wat minder.
Dat nemen we voor lief. Verstandig is het wel om vooraf even te kijken of en hoe je op de standplaats komt.
Dit om verrassingen te voorkomen.
Dubrovnik
Op naar Dubrovnik nu. Het is nu genieten van fantastische vergezichten over de eilanden Brac, Hvar,
speciaal de telkens weer veranderende kleur van de zee is bijzonder. Een zeer speciaal landschap vind je in de delta van de Neretva.
Deze stroomt voorbij Ploce als een twaalfvingerige “octopus” in de Adriatische zee. Net voorbij de delta passeren we de grens van
Bosnie-Hercegovina en enkele kilometers verder zijn we weer in Kroatië. Dit is een beetje raar,
maar de verklaring hiervoor is te vinden in het vredesakkoord na de oorlog in de Balkan.
Men heeft toen afgesproken dat alle landen een stuk(je) aan de zee moesten liggen.
Ook de kustlijn van Slovenië is zo erg kort gebleven.
In Slano is er een arboretum waar de oudste bomen van Europa staan. Indrukwekkend zijn ze !
Of deze bomen daadwerkelijk de oudste van Europa zijn ? Na een kort bezoek aan Dubrovnik rijden we door naar Srebreno.
Hier is een camping, Porto, genaamd. Dit dorp is in de oorlog bijna geheel vernield en men moet nog met de wederopbouw beginnen.
’s Avonds gaan we met de bus naar Dubrovnik om speciaal de oude binnenstad te bezichtigen.
Met de vele nauwe steegjes en terrasjes is het er erg gezellig. Je kunt hier nauwelijks nog sporen van de oorlog ontdekken;
bijna alles is in oude glorie hersteld.
Het keerpunt; de terugreis
Hier zijn we tevens op het keerpunt van onze reis en via het schiereiland Peljesac gaan we terug.
In Ston kijken we even naar oude zoutpannen. Hier zijn ook resten van oude muren te zien die tot ver over de bergen lopen.
Dan gaan we via Orebic naar camping Preno net voorbij het stadje en pal tegenover het eiland Korcula met de gelijknamige hoofdstad.
Op onze plaats onder de bomen genieten we van het uitzicht.
Voor het eerst hebben we hier een probleem om aan geld te komen, want het blijkt dat alle automaten hier alleen Visa kaarten
of een plaatselijke kaart aanvaarden en wij hebben Eurocard ! Uiteindelijk vinden we een bank waar we aan de balie geld kunnen
opnemen. Dit blijkt de enige keer te zijn dat we deze problemen hebben. We vervolgen onze weg en gaan naar Trpanj waar een
veerdienst is naar Ploce. Bij navraag blijkt dat we met de camper makkelijk meekunnen. Dit blijkt echter, als het zover is,
iets moeilijker gezegd dan gedaan. Maar met behulp van een groot aantal planken wordt ook deze klus geklaard.
De taal is toch een barrière. Het was daarom goed dat iemand van onszelf aanwijzingen gaf.
Na een overtocht over een rimpelloze zee komen we in de haven van Ploce.
Hier worden veel goederen overgeslagen o.a. bestemd voor Bosnië.
Het is nu zaterdag 16/6/01 en je begint te merken dat er meer vakantiegangers onderweg zijn.
Onze zoon zal over enkele dagen vertrekken en daarom rijden we naar het vliegveld van Split om te kijken of we een terugvlucht
kunnen boeken. Dat lukt voor dinsdagmorgen om 06.00 uur vanuit Zadar via Zagreb naar Brussel.
Dan kunnen wij het even rustig aandoen en we vinden bij Trogir op camping Belvedere in Vrsine een prima plaats waar we luierend,
zwemmend en BBQ’end doorbrengen. In Kroatië moet je trouwens met BBQ i.v.m. brandgevaar heel voorzichtig zijn.
De voorbeelden en gevolgen hiervan zie je helaas regelmatig.
Naar de Kwikfit
Als we willen vertrekken naar Zadar, blijkt dat we een lekke achterband hebben.
Gelukkig hebben we dubbellucht achter en kunnen we heel langzaam een soort” Kwikfit” bereiken.
Hier helpen ze ons zeer professioneel en voor een schappelijke prijs. En ook hier blijkt weer dat ze in dit soort landen,
wat repareren betreft, wel iets gewend zijn. De rit verder verloopt prima en we genieten steeds weer van de omgeving; het uitzicht.
Vooral de talloze eilandjes voor kust tussen Sibenik en Zadar zijn schitterend. Een van deze eilanden is Kornati.
Het Kornati nac park bestaat bijna helemaal uit dit eiland. Wij zijn er niet geweest, maar als je meer tijd hebt,
is het zeker het bezoeken waard. Zadar is een drukke, gezellige stad. Je kunt er ronddolen in de oude binnenstad,
maar ook langs de bedrijvige haventjes wandelen. Overal zie je hier grote grills met complete schapen en omdat het voor ons
etenstijd was, besluiten we om dit eens te proberen. En gesmuld hebben we!
We worden bewaakt
Nu op naar het vliegveld. Dit ligt ongeveer 15 km van de stad landinwaarts.
Over een bar slechte weg bereiken we na ongeveer 45 min. het “stationsgebouw” waar gewapende agenten ons vertellen waar
we kunnen staan. ‘s Nachts willen ze ook wel een oogje in het zeil houden. We genieten van een goede nachtrust bij het idee dat
we bewaakt worden. ‘s Morgens staan we vroeg op, want om 07.00 uur vetrekt het vliegtuig. Waarvandaan is ons niet geheel duidelijk. Tot onze grote verbazing steekt er echter als we weer weg rijden, een vliegtuig de weg over. Het vliegtuig taxiet naar een nabijgelegen landingsstrip van een militair domein en stijgt op. Hiermee is ons raadsel opgelost. Grappig!
Onze eerstvolgende afspraak is in het weekend met een Nederlander genaamd Willem Woudstra. Hij doet in Kroatië humanitair werk
voor verschillende organisaties. Hij woont in Karlovac. We hebben de tijd om rustig aan die kant uit te gaan.
Via stille binnenwegen komen we langs Dubraja, Obrovac en Maslenica. In de laatste plaats blijkt zowat alles vernield te zijn.
Zo zien we een fabriekscomplex wat met de grond gelijk is gemaakt. Hier werkten vroeger 4000 mensen.
Alleen een verwrongen berg met ijzer is er van over. Hier wordt je toch wel een beetje triest van.
Des te verrassender is het om een 15 tal km verderop het Paklenica Nac. Park te bezoeken. In dit park,
dat gelegen is in het Velebit gebergte, kun je wandelen (voor enkele uren of meerdere dagen) en vooral bergbeklimmers komen
hierheen, omdat er hier uitstekende mogelijkheden zijn, zowel voor beginners als ook voor gevorderden, om te trainen.
Ook het Kroatische leger oefent hier wekelijks. Onze weg vervolgend valt het op dat de eilanden aan de kant die wij zien ,
enorm dor en kaal zijn. Dit is toe te schrijven aan de gure winden die vanuit het Velebit gebergte over de eilanden komen.
Het verschijnsel wordt wel de Bora genoemd. Onder invloed van het warme zeewater is het aan de zeezijde veel groener en is het klimaat veel milder .
Veel goede overnachtingsplaatsen, laat staan campings vind je hier niet . Daarom vragen we in Karlobag aan de plaatselijke politie
of zij een plaats weten. En zoals ons eerder ook al overkwam, krijgen we een mooi plaatsje aangewezen.
Ook zagen we die avond en nacht, zoals verwacht, nog een paar maal een patrouille langskomen In Karlobag staat een
merkwaardig gebouw, nou ja, wat er tenminste van over is. Het zijn de muren en nog wat restanten van een kerk,
geschilderd in frisse kleuren. Nou èn, zult u zeggen. Maar het bijzondere eraan is, is dat het lijkt of het gebouw nog intact is,
terwijl als je het van de andere kant bekijkt, het lijkt of er niets meer van over is. Uiteraard dachten wij dat dit gebouw vernield was
tijdens de Balkan oorlog. Dit is echter al in 1944 gebeurd toen de Duitsers hier een munitie opslagplaats hadden.
Deze is door de geallieerden gebombardeerd. Het heeft altijd als symbool voor WO II gestaan.
Van hieruit gaan we, na een bezoekje aan het oude vissersdorpje Jablanca, waar ook een veerpont is naar het bekende eiland Rab,
naar Senj om inkopen te doen. Net voor Senj trekt een soort oude vesting onze aandacht. Dit blijkt een oud fort, genaamd Mehaj,
van de Uskoken te zijn. Wij vervolgen onze weg en komen terecht op camping Bunica even voorbij Senj.
De camping(en buur camping) liggen direct aan het water en je komt er via een zeer steile afdaling.
Het is er rustig en er doet zich een bijzonder verschijnsel in het water voor; er komt namelijk erg koud zoet water als ondergrondse
bron in zee uit. Dit geeft verrassende effecten; je zwemt namelijk afwisselend in warm, zout of koud, zoet water.
Je kunt er trouwens redelijk snorkelen en de privé uitbaters serveren heerlijke, zelf gevangen vis.
Na een heerlijke rustdag trekken we door het Velebitgebergte. Dit gaat niet zo makkelijk en uiteindelijk komen we via
Plitvica bij ons doel: het plaatsje Vojnic in de Krajina. Hier hebben we afgesproken met Willem,
omdat we hier een project met hem willen bekijken. In het dorp vragen we naar het project, maar niemand die er iets van weet.
Uiteindelijk gaan we naar het politiebureau, maar ook daar weet niemand er iets van. Het wordt avond en daarom vragen we of
we ergens mogen overnachten. We krijgen een prima plaatsje achter het bureau. Bij een dorpswandeling ontdekken we een
kantoortje van de Unhcr en ook de naam van Willem. We zitten dus goed. Gerustgesteld bellen we hem de volgende dag op,
maar krijgen hem niet te pakken. Dan maar naar Karlovac om hem te zoeken. Dit blijkt niet zo simpel.
De huizenblokken zijn nog uit de tijd van Tito en lijken allemaal op elkaar. En de nummering is ook niet up-to-date.
Voeg daarbij dat de bevolking sinds de oorlog ook vaak is gewisseld en dus de buurt niet kennen.
Uiteindelijk lukt het, maar er blijkt niemand thuis. Dan maar een briefje in de bus. Langs de rivier Mreznica gaan we naar het plaatsje
Belevic waar we bij restaurant Brig het Diner/Overnachten principe hebben toegepast. Een schitterende locatie aan de rivier met een goede keuken.
Zondagmorgen al neemt Willem contact met ons op. Hij blijkt net terug uit Nederland. We spreken af voor een gezamenlijke lunch in
Karlovac. En na een leuke stadswandeling en een duik in de rivier de Korana keren we terug naar Vojnic.
Maandagmorgen spreken we af voor het projectbezoek.
Stichting Mensen Werken voor Mensen

Het project van de Stichting Mensen Werken voor Mensen uit Tilburg heeft als doel dat mensen van verschillende
achtergronden met elkaar samenwerken, gezamenlijk een inkomen vergaren en zo vreedzaam samen- leven.
Dit is uiteraard niet gemakkelijk gezien de vele etnische groepen hier. Omdat de industrie hier volledig is verwoest,
de werkloosheid meer dan 80% bedraagt, er relatief veel ouderen zijn, is werken in de landbouw één van de weinige opties.
Ook al, omdat de grond hier vruchtbaar is. Om die reden worden er coöperaties van boeren opgericht,
waarvoor een plan wordt opgesteld dat door de stichting en ook het ministerie van landbouw van Kroatië met kennis wordt
ondersteund. Tevens probeert de stichting in Nederland met behulp van vrijwilligers wat oude nog bruikbare machines aan te kopen,
op te knappen en ter beschikking te stellen van de coöperatie. Een eerste kring van coöperaties is van de grond en aan een tweede
wordt gewerkt. Uiteraard komt er meer bij kijken, want ook de boerderijtjes en huizen zijn veelal in zeer slechte staat of geheel vernield.
Hiervoor worden dan eenmalige projecten opgestart, bijvoorbeeld voor een timmerfabriekje oid.
Het land met de twee gezichten
Rondrijdend in het gebied raken we nog meer onder de indruk van het geweld wat hier heeft gewoed.
Het besef begint te groeien dat hier nog bergen werk te verzetten zijn vooraleer er weer iets van een toekomst voor deze mensen is.
Opvallend is dat de bevolking erg vriendelijk is en probeert een gesprek te voeren . Met wat Duits en Engels lukt dat wel.
Als we ‘s middags wegrijden, voelen we ons vanwege ons luxe huis op wielen wel een beetje beschaamd.
En we nemen ons voor om eenmaal thuis wat te ondernemen voor deze mensen. Als eerste dus deze passage in het reisverslag.
Eenmaal onderweg dringt de routine van het camperen zich weer aan ons op.
En dus gaan we op zoek naar de te nemen route en een verblijfplaats voor de komende nacht.
Die denken we te vinden op weg naar Rijeka aan de rivier de Kupa even voorbij Luvkodol, maar niets is minder waar.
Als we daar een half uur staan, komt langzaam een politieauto voorbijgereden. En jawel, ons voorgevoel klopt, want na 15 min.
is hij terug met een passagier die Engels spreekt. Wat blijkt, de Kupa is grensrivier tussen Kroatië en Slovenië en even verderop is een
brug waarvoor je speciale toestemming moet hebben om die te passeren. Men was bang dat wij dat zouden proberen en dan
zouden we in de problemen kunnen komen. Wat schetst onze verbazing als hij ons een veel betere plaats in het dorpje Blazevci wijst,
met, jawel, zicht op de brug ! Hier is het eerste rang genieten van de boeren die hier hun koeien komen laten drinken .
Na een praatje worden we uitgenodigd op de boerderij en omdat wij een boerenhart hebben, is er vlug contact en is de avond veel te
vlug voorbij. Na genoten te hebben van het spel van de zwaluwen en de forellen met de insecten, vertrekken we de volgende morgen
naar Istrië waar we de route langs Rijeka, Opatija naar Rabac volgen en hier op camping Oliva terechtkomen.
Het is hier erg druk en vrij vol, en de accommodatie is matig. De zee is echter heerlijk om in te zwemmen, vooral met het erg
warme weer wat we nu hebben. Maar wat een contrast met het andere Kroatië ! Je zou kunnen zeggen,
dit is het land met de twee gezichten; aan de ene kant de kapotgeschoten huizen, armoede, en dergelijke,
en aan de andere kant de (betrekkelijke) luxe van de toeristenoorden.!!!!!!!!!!
Italië
Onze volgende afspraak is 4 juli in Venetië. De vakantieperiode is begonnen en omdat de kustwegen steeds drukker worden ,
gaan we via het binnenland naar de westkust van Istrie. De vakantieperiode is nu volop begonnen.
Voorbij Buje gaan we de grens met Slovenië over om vervolgens via Izola, Koper, Italië te bereiken.
Hier nemen we de route door Triest, omdat we over de SS 14 naar Monfalcone en Grado willen.
Dit lukt aardig en in Grado komen we op de vrije camperplaats op het Isola Del Schiusa terecht.
Hier hebben we een prachtig uitzicht over de Laguna di Grado. Het weer is schitterend, de camperplaats prima.
Er is water ter beschikking, de stad is gezellig en op het vrije strand is het goed toeven en zwemmen.
In het weekend wordt het met Italiaanse camperaars opeens veel drukker. Dit heeft twee redenen.
Ten eerste is het in het weekend al drukker, iets wat we later op andere camperplaatsen in Italië ook meemaken.
Je kunt beter voor het weekend een vrije camperplaats zoeken. Bovendien is het deze zondag wijding van de zee,
de vissers en hun schepen. Ze varen dan volledig versierd naar een kapel ergens in de lagune.
Dit in aanwezigheid van de kardinaal die de zegening doet. Daarna is het feest.
In Latisana tanken we diesel, gas en benzine. We komen via Caorle in Punta Sabbioni waar we op een soort super camping,
genaamd Marina di Venezia terechtkomen. Deze viersterren camping is gelegen op het schiereiland tegenover
Venetië en is goed gelegen als uitvalsbasis naar de stad. Je moet namelijk alleen maar even in de bus en vervolgens met de stadsboot.
In 45 minuten sta je zo op het San Marco plein. Op het schiereiland kun je ook op een camperplaats staan en moet je alleen
parkeergeld betalen. Dit is vele malen goedkoper dan op de camping, maar voorzieningen zijn er niet.
Ik moet erbij vermelden dat de hond op de camping welkom is. We staan hierdoor op een aparte afdeling waar zelfs een heel
groot uitlaatveld is voor de dieren. Het is een perfecte organisatie op de hele camping. Er zijn allerlei winkeltjes,
er is een grote supermarkt, animatie en de zee is op loopafstand. De camping is z`n 4 sterren waard.
Gasten
Het is woensdag 4 juli. Vandaag komen onze zoon en schoondochter ons vergezellen.
We gaan dan ook op tijd naar de stad waar we een oriënterend bezoek afleggen.
Vandaar gaan we per watertaxi naar het vliegveld Marco Polo om onze gasten te verwelkomen.
Het vliegtuig is zo blijkt later, zo’n beetje de laatste vlucht van Sabena uit Brussel. Ze arriveren overigens stipt op tijd.
Het restant van deze en volgende dagen besteden we aan het bezoeken van Venetië. Daar raak je niet zomaar uitgekeken.
Om lange rijen wachtenden te vermijden, zijn we ‘s morgens om 8 uur al in de stad. We kunnen dan vlot het Palazzo Ducale in,
zodat we alles rustig kunnen bekijken. Ga ook eens wat achteraf bezoeken, bijvoorbeeld, steek Ponte dell`Accademia over en
ga op zoek naar het authentieke gondelwerfje aan de Rio di San Trovaso en ontdek dat het hier ook zeer mooi is en veel rustiger!!!!
En er is nog zoveel wat we niet gezien hebben ! Voor later dan maar??
Toscane
Van hieruit beginnen we een tocht die ons door een groot gedeelte van Toscana moet brengen.
We beginnen in Padova met een bezoek aan de Basilica di Sant Antonio. Helaas begint het onverwachts heftig te onweren en
de luiken van de camper staan nog open, zodat we spoorslags teruggaan. Dan besluiten we maar de stad te verlaten en via Ferrara,
Bologna, Imola over de S 610, naar Castel del Rio te gaan. Hier is een camperplaats aan het riviertje de Santerro.
Gelukkig is er nog plaats en ‘s avonds speelt er bij de kiosk een bandje. Heel gezellig.
Zondagmorgen worden we gewekt door dagjesmensen die massaal naar deze locatie komen om er te zonnen en te zwemmen.
Wij vertrekken dan maar naar Firenze en bezoeken onder andere De Duomo, Ponte Vecchio en zomeer.
Omdat het erg warm en drukkend is en we moe zijn van het slenteren, zoeken we een (camper)plaats voor de nacht in
Castellina in Chianti. Dit plaatsje bereiken we via de S2 en de S 429.
Een beginnersfout
De volgende dag bezoeken we Siena met z`n mooie Piazza del Campo, schitterende Duomo en typische Palazzo Publico.
Na het bezoek aan de stad willen we met de stadsbus terug naar de parking. Nu blijkt dat we een beginnersfout hebben gemaakt;
we zijn de naam van de parking vergeten. Gelukkig hebben we een buskaart waarmee we kriskras door de stad rijden tot
we weten waar we moeten zijn, goede les!!!!! Na dit oponthoud gaan we vlug naar camping La Montagnola in Sovicille.
Hier treffen we een goede accommodatie en hebben een rustige nacht. ‘s Nachts begint het te regenen en de volgende dag
begint somber. Dan is ook Toscane niet zo mooi als wel wordt gesuggereerd. Jammer, want zo heeft een bezoek aan San Gimignano geen zin.
We rijden naar Pisa in de hoop dat het opklaart. En, wonder boven wonder, als we Pisa naderen, komt de zon door.
Eenmaal in Pisa zoeken we naar een plaatsje van de campersite. Dit moet tegenover de ingang liggen.
En jawel, hier is volop plaats in de zijstraten. Het blijkt een vooroordeel te denken dat Pisa alleen maar zeer, zeer toeristisch en druk is.
Het Campo dei Miracoli met het Baptisterium, de Duomo en de Scheve Toren is namelijk zeer indrukwekkend.
Om even te bekomen van cultuur en steden willen we naar zee. Er moet bij Castiglioncello een leuke camperplaats zijn.
Deze hebben we niet gevonden. We vinden er wel eentje in Rosignano Solvay. Deze is gelegen op een parkeerplaats en alleen
geschikt om de nacht door te brengen. Zo gezegd, zo gedaan. ‘s Morgens zijn we vroeg opgestaan en richting Vada(Mazzanta)
naar camping Rifugo del Mare(borden volgen) gereden. Dit is een mooie camping gelegen op ongeveer 500 meter van zee.
Op weg naar het strand ontdekken we vlak bij de zee een vrije camperplaats. De exacte locatie is als volgt: volg vanaf
camping Rifugo del Mare de weg naar het strand en na ongeveer 300 meter bij een kruispunt zie je links aan de overkant hoge bomen
(bij Via Cavalleggeri Nuova). Voorzieningen zijn er niet bij het strand. Zo`n 200 meter verder zijn echter douches die met
muntautomaten werken. In de buurt kun je op loopafstand inkopen doen. Wel zo handig.
Na enkele luierdagen gaan we verder langs de Costa Degli Etruschi naar Populonia om de nederzetting van de Etrusken te bekijken.
Als je een ticket voor het Archeologische Park Baratti-Populonia koopt, kun je de erop volgende nacht gratis op de
camper/parkeerplaats blijven. Er is een lozingspunt en je kunt er water tappen. Voor het bezoek aan het park kun je het beste een
halve dag uittrekken. Je doet er verstandig aan stevig schoeisel aan te trekken aangezien het door de beboste omgeving een stevige
wandeling is. Lopend door het open veld heb je een mooi uitzicht over de Golfo di Baratti. Zeker doen als je in de buurt komt.
Voor ons begint nu de terugweg naar Venetië en dit doen we via Grosseto, Montalcin, Montepulciano tot bij Castiglione Del Lago
aan het Lago di Trasimeno. Hier moet een camperplaats zijn. Deze is vol. Ook andere campings zijn overvol.
Uiteindelijk vinden we een soort overloopterrein; het kost niet veel, maar het is het ook niet waard. Het meer valt ons wat tegen.
De oevers zijn slikkerig en het water ziet er ook niet zuiver uit. Jammer, dan maar niet zwemmen, ook al is het bloedheet.
We vervolgen onze tocht en komen via de S 416 op de E 45, die we afrijden tot Ravenna. Van hieruit rijden we langs de kust en
door de delta van de Po tot in Sottomarina. Hier is camping Grande Italia onze verblijfplaats voor twee dagen.
Hier ontdekken we dat alle campings met een eigen zwembad overvol zijn. En dat die zonder, met betere plaatsen, nog plaats hebben.
Voor ons geen probleem, want wij zwemmen toch liever in zee dan in een chloorbad!!!!
Het is dinsdag 17 juli en vanmiddag moeten we om 14.30 uur op vliegveld Marco Polo zijn.
Dus vetrekken we op tijd en genieten nog van de rit langs de Lagune van Venetië over de S 309.
Een goede afsluiting van dit deel van Italië. Na het afzetten van zoon en schoondochter besluiten wij om langs het
Gardameer terug te gaan. Daar we vanaf nu geen tijdsschema meer hebben, nemen we de route Treviso, Castelfranco, Cittadella naar
Vicenza. Deze laatste stad is prachtige. Helaas komen we te laat om het Teatro Olimpico binnen te gaan.
Dus bekijken we de binnenstad waar diverse bouwwerken van de beroemde bouwmeester Andrea Palladio te bewonderen zijn.
Ze staan onder andere op de Piazza dei Signori, het Palazzo della Ragione of Basilica.
We genieten nog wat van vele andere sfeerbeelden, en dergelijke.
En die avond rijden we nog door naar Verona en vinden een camper/parkeerplaats in de stad(bordjes volgen).
Verona op de fiets
De volgende morgen vroeg gaan we op de fiets naar de binnenstad.
Het blijkt mogelijk om zo vroeg de kerken te bekijken zonder dat er entree betaald moet worden.
Een meevaller; het is er ook niet druk. Twee uur later is dit wel anders. Verona hoort bij de toeristische trekpleisters, en terecht.
Voor het eerst op onze reis merken we hier zakkenrollers op. Ze gaan heel geraffineerd te werk.
Als afleiding dient een oude man met klein kind, en vooral grote groepen toeristen waren het doelwit.
Wij gaan nog verder naar Sirmione aan het Gardameer en nemen daar plaats op de camper/parkeerplaats achteraan op het
schiereiland. Voor de prijs van 25000 lires mag je daar 24 uur verblijven. Er is een lozingspunt met watertappunt, maar verder niets.
Er is ook nog een camperplaats, net voor het schiereiland tussen Colombare en S.Benedetto.
Deze berekent dezelfde prijzen en je staat er wat rustiger en onder de bomen.
Wil je de winkeltjes, en dergelijke bezoeken, ga dan naar de eerstgenoemde camperplaats, want die ligt op loopafstand.
Na een verfrissende duik gaan we de dag erna verder langs het meer naar Riva del Garda. We rijden langs de westkant van het meer,
op deze route liggen veel tunnels wat jammer is voor het uitzicht. De route langs de oostkant lijkt mooier!!
In Riva del Garda gaan we naar de camperplaats. Deze ligt, komende vanaf Riva del Garda richting de A22 .
Aan het eind van het plaatsje sla je linksaf. De camperplaats ligt rustig en binnen loopafstand van het plaatsje.
Na een lekkere avond op gezellige terrasjes vervolgen we onze route richting Rovereto.
We bezoeken het Nationale Oorlogsmonument uit WO I. Het is schitterend gelegen op een heuvel.
Leuk om te zien hoe dit soort monumenten er in een ander land uitzien.
Hier zien we een onrustbarend plasje onder de camper liggen en bij inspectie blijkt het een lekkage van koelvloeistof te zijn.
We controleren de boel en vullen bij, maar we gaan op onze hoede verder. Gelukkig blijft de temperatuur goed.
Over de S 12 rijden we naar Trento en Bolzano, vervolgens over de S 38 en S 40 via Merano naar Malles Venosta.
Daar moet een camperplaats zijn. Deze is echter in Burgusio Malles bij restaurant Haidepark.
Hier passen we het diner/overnachten systeem toe. Het is er erg onrustig door het voorbij razende verkeer,
maar je kan niet alles hebben.
Oostenrijk
Na een koude nacht gaan we naar St.Valentino alla Muta of St.Valentin a.d. Haide.
We zijn hier duidelijk in Sud-Tirol. We doen inkopen en maken een flinke bergwandeling naar de Haideralm.
Moe zoeken we een plaats voor de nacht en die vinden we in Graun i. Vinschgau op een parkeerplaats aan de rand van het stuwmeer.
Hier steekt nog net een oude kerktoren boven water. Deze plaats is een uitstekende stek voor Kitesurfers,
omdat hier altijd komend vanaf de Reschenpass wind blaast. Deze pas steken we de volgende morgen over en door het
Oberinntal komen we in Landeck.
Duitsland
Door de Arlbergtunnel rijden we richting Bregenz om door de Pfandertunnel Duitsland te bereiken.
Hier nemen we de route over Bad Wurzach naar Bad Waldsee. Hier maken we een korte rondwandeling in het mooie en erg
propere stadje om vervolgens in Bad Buchau op de camper/parkeerplaats bij de Federsee te belanden.
Er zijn hier meerdere camperplaatsen waar je een kleine vergoeding voor moet betalen.
Het gebied is uitstekend geschikt om te fietsen en te wandelen. Er zijn mooie routes uitgezet en het Federsee museum is een
bezoek waard. Ook archeologisch is dit gebied interessant. Dit is op diverse plaatsen langs de routes ook visueel gemaakt.
Dit heeft zo tevens een educatieve uitstraling. Langs Ulm, Stuttgart, Karlsruhe en Landau gaan we overnachten in Edenkoben op
de betaalparkeerplaats. En de volgende dag rijden we via Kaiserslautern, Saarbrucken tot net voorbij Merzig.
Bij Schwemlingen aan de oevers van Saar gaan we nog eenmaal BBQen. Hier krijgen we de tip om de Saarschleife te bezoeken
en omdat we er vlakbij zijn, rijden we erheen. We zijn verbaasd dat we hier in het voor ons idee smerige,
industriële Saargebied dit “natuurverschijnsel” aantreffen. Je kunt de haarspeldbocht in de rivier langs de oevers bereiken en
dan de klim naar het uitzichtspunt beginnen, maar andersom kan ook. Beneden bij de rivier is het ook toegestaan om met de camper
te blijven staan. Als je wat tijd hebt, kun je hier ook mooie fietstochten maken.
België en … Nederland
Tegen de avond vertrekken we richting België waar we in Chevetogne overnachten.
De volgende ochtend genieten we langs de oevers van de Lesse van de capriolen van de kajakkers om daarna met een
tevreden gevoel huiswaarts te rijden.Op woensdag 25 juli komen we na 8500 km heelhuids aan.
Dit aantal kilometers hebben we in 72 dagen afgelegd. Oh ja, en die lekkage bleek het kunststofkraantje onderaan de radiator te zijn.
Dit was gebroken, reden??
Bronnen en adressen.
Duitsland:
www.schwarzwald-tourist-info.de - www.promobil.de
Oostenrijk:
www.wieninfo.at Wenen
ANWB/extra reisgids Wenen ANWB
www.tiscover.com/donaupark-camp.klosterneuburg Klosterneuburg
www.members.aon.at/danneberg vliegschool
www.eisenstrasse.or.at kultuurpark Eissenstrasse Gaming.
camping.am.see@chello.at Camping am See Obertraun(Hallstadt)
www.camping-vierthaler.at Pfarrwerfen
www.eisriesenwelt.at Pfarrwerfen
Slovenië:
www.tourist-board.si Slovenië
Slovenisch verkeersbureau Rotterdam +31/104653003
Actief/anders ANWB Reisgids Slovenië
terme.ptuj@siol.net Camping Therme Ptuj
Campsite Dolenjske Toplice +386/6866012
Kroatië:
Kroatische centrale voor Toerisme e-mail info@htz.nl
Nelles Guide De Kroatische Kust
www.tel.hr/paklenica Paklenica nac.Park
www.bob.minbuza.nl/Reisadvie.asp reisadvies.
www.futura-computers.com/zupa_dubrovacka Srebreno
Auto-kamp Korana Plitvicka +385/53/751-014, 751-015
Camping Belvedere Trogir +385/21/894-141, 894-142
Camp Seget Seget/Trogir +385/21880394
Kamp Oliva Rabac +385/52872-258
Kamp Basko Polje Baska Voda +385/21612-329
Kummerly+Frey Kroatië/Slovenië ANWB
Italië:
Capitool reisgidsen Italië
Marco Polo reisgids Venetië ANWB
www.marinadivenezia.it Camping Marina di Venezia
www.campinggrandeitalia.it Camping Sottomarina Lido
www.livrno.turismo.toscana.it Costa Degli Etruschi
www.suedtirols-sueden.net Sud Tirol
Michelin Atlas Italië schaal 1:300.000
Kummerly+Frey Italiën Nord ANWB
www.mensenwerkenvoormensen.nl Postbus 137 5000 AC Tilburg
Wil je ook wat bijdragen? Tips, leuke plaatjes?
E-mail via: aloys@campersite.nl
Camper reisverlagen wenst u een goede reis!