2003: Marokko: hoe de reis verder ging!
Verslag van een groepsreis per camper door Marokko.
Marokko 2003
We waren 8 weken onderweg met de groep "Erna en Etienne" toen we in goed overleg besloten, om voor een week onze eigen weg te gaan. Het is spijtig
dat het zo loopt... met de woorden van de kant van de leiding: "ik wil jullie niet meer zien" gaan we nu een paar fijne, interessante en ontspannen weken
tegemoet!
In Zagora scheiden zich onze wegen. Maria en Florimond, Marie-Thérèse en Roland, Wilma en John en wij (Leo en Marieke) voelen zich zo vrij als een vogel in
de lucht, we hebben nu de tijd aan ons zelf!
Onze eerste nacht "alleen" is aan de Lac Mansour, ca. 18 km. achter Ouarzazate. We zitten nog lang bij elkaar, drinken gezellig onze aperitiefjes en plannen
onze "eigen" route. De sfeer is goed en de sterren stralen hoog boven ons.
Hoewel wel al veel moois hadden gezien zouden onze verwachtingen nog eens worden overtroffen. De Daadesvallei doen we niet met de moterhomes, we laten
ons rijden en genieten volop van een wondermooie natuur en panoramische vergezichten. We zien de "hersenen" van de Atlas, een knobbelvormige bergmassa,
begroeid, zo lijkt het wel, met tighermatine's (woonburchten).
Haarspeldbochten
Soms rijden we hoog langs de rotsen met diep beneden ons de slingerende rivier die als een blauw lint schittert in de zon. Dan rijden we weer laag langs het water.
We bewonderen én verwonderen ons over zoveel moois.
Na een kronkelige weg met adembenemende diepe ravijnen, staan we plotseling in de zgn. "sabelhouw". We voelen ons klein en bevoorrecht bij zo'n machtig
natuurwonder te zijn.
We prevelen "hamdoelilah" (Allah zij dank) als we na heel veel haarspeldbochten heelhuids bij onze motorhomes terug zijn. Diep onder de indruk over zoveel moois
zoeken we een plek voor de nacht. We genieten met ons allen, en praten nog lang na over deze prachtige dag. We voelden ons immens klein in zo'n fabuleus decor.
De "Gorge de Todrah" is niet ver meer. Eerst zijn we zijn helemaal alleen bij de bron. Later verschijnt een herdersjongen die zijn geitjes en schapen laat drinken. Wij
mogen er niet met onze voeten in (Marokko-logica?)
Wat moet ik zeggen van de Todhra ? Ik zal mezelf steeds herhalen. Het is een natuurwonder, het is magnifiek. We staan paf, bij zoiets overweldigends. We komen
ogen en woorden tekort.
Klimmen
Een paar bergbeklimmers proberen de kloof te "bedwingen", het is angstwekkend steil en hoog. Maar niet voor Maria. Zij klimt met haar 69 jaartjes kwiek en lenig
een stuk langs de touwen omhoog en ze heeft het nog nooit eerder gedaan (foto rechts). We bewonderen haar allemaal om dit kunststukje!
We rijden tot het "eind van de wereld", een adembenemende mooie route. Na 35 km. gaat de weg over in een piste en we maken rechtsomkeert om nogmaals van
alles opnieuw te genieten.
Overnachten bij de bron in de Todhra-kloof in een unieke omgeving, dat geeft een speciaal gevoel. We voelen ons bevoorrecht met ons huis op wielen.
Lang praten we nog na over onze indrukken onder het genot van onze aperitiefjes, en kijken onze ogen uit, in welke mooie omgeving we die nacht slapen. En we
smeden onze verdere plannen: met onze eerste afspraak om op 12 maart bij de groep terug te zijn in Fez, hoeven we geen rekening meer te houden. We besluiten
door te rijden naar Merzougha, naar de hoge roodachtige zandduinen van Erg Chebbi.
We passeren een groot dadelwoud, volgens mijn reisgids groeien hier 700.000 dadelpalmen. In Erfoud pikt John een "gids" op (iedereen hier heeft wel een
broer, neef,oom, of ander familielid, die hij toevallig moet of gaat bezoeken, en wil de weg wel wijzen).
We zien de woestijn, zoals we die van films kennen, voor ons opduiken. Het is fantastisch mooi. Zandduinen van 100 mtr. hoog in al zijn pracht. In de schaduw steken
ze zwart af tegen de diepblauwe lucht. En in de zon schitteren ze rood/geel. Het is een machtig schouwspel.
De gids brengt ons naar een pas geopende Auberge, gelegen tegen de zandduinen. Mooier kunnen we ons niet wensen. We drinken thee op uitnodiging van de
"campingbeheerder" op een mooi binnenterras.
Zandstorm!
De camping is voor ons alleen, een ommuurd terrein. Met prachtige douches, zulke hadden we tijdens de hele reis nog niet.
De aperitiefjes komen op tafel. Intussen verschijnt er een donkere wolk die niet veel goeds voorspeld. "Nee, geen regen", volgens de mannen van de Auberge, "maar
wel hebben we over een half uur een zandstorm!". Och wat. Wij Europeanen weten het immers veel beter. En we zijn tenslotte ook al een tijd in Marokko. Zandstorm?
Dat zal wel meevallen.
Roland blijft op post, en wacht bij de muur, filmcamera in de aanslag. Wilma zegt: "Oei daar loopt een..." Verder kwam ze niet. We zien geen hand meer voor de ogen en
aperitiefjes, olijfjes, etc, alles vliegt met tafel en al over de grond. We strompelen zo goed en zo kwaad als het kan naar onze mobilhomes. Roland heeft het begin gefilmd
en moest toen vluchten. Wilma wilde zeggen: "daar loopt een Marokkaan heel hard". We hadden een échte zandstorm!
Kort maar hevig. Net zo plotseling (of was het niet plotseling, we wisten het toch veel beter) als die begon, was het ook voorbij. Stilte. Absolute stilte. Het was bizar.
De ander drie koppels gaan eten in het restaurant van de Auberge. Wij eten thuis, en gaan dan naar de anderen om samen nog iets te drinken.
Intussen verzamelen onze gids, de kelner, de kok en nog wat jongelui zich met hun "darbukkas" en krijgen we een onverwacht trommelconcert!
De fascinatie van een Afrikaanse nacht daalt over ons. We voelen ons als koningen zo rijk, met onze vrijheid, de mooie tochten door de Daades en Todrahvallei. En
nu de geheimzinnige nachten in de woestijn.
De dagen zijn loom, we hebben de tijd alle indrukken van de laatste mooie dagen op ons te laten inwerken en we laten het woestijngevoel over ons komen. We zuigen
en vegen het zand van daags ervoor uit onze "huizen". Maria verwent ons met zelfgebakken fruitcake, Wilma is weer kapster. We luieren in de hitte van de dag, en we
zien dat het 45 graden in de schaduw is.
Zandduinen
In het donker gaan we op pad, de nacht wordt dag. De sterrenhemel vervaagt, als de zon aan de horizon verschijnt. De grijze woestijn kleurt uitbundig oranje en wij kleine
mensjes worden lange schaduwen in het zand. Maria, Leo en ik gaan te voet. Het was grandioos. Hoger en hoger wilden we. Een paar toppen achter ons zitten Roland,
Marie-Thérèse en Wilma. Zij waren met de dromedarissen tot aan een zandduin gegaan, wat mooie beelden opleverde voor Roland.
We luieren, genieten, wandelen in de prachtig gekleurde zandduinen, vóór de hitte, in de zwarte steenwoestijn. We kunnen er niet genoeg van krijgen en blijven 4 dagen.
Het was een unieke tijd, geheimzinnig met de trommelconcerten die van ver hoorbaar zijn, in de stilte van de nacht. We zaten lang buiten onder een heldere sterrenhemel.
Met weemoed in het hart gaan we verder.
De zandduinen maken plaats voor miljarden stenen. We rijden door de prachtige Ziz-vallei. Het is moeilijk om niet in herhaling te vallen. De natuur is onbeschrijflijk mooi.
We voelen ons figuranten in een filmdecor, het is onwerkelijk mooi.
We blijven een paar dagen bij de Source Bleue de Meski. En hebben ook hier gratis trommelconcert, bij onze campers nog wel. Het gaf wel een apart gevoel, die trommelaars
onder de Afrikaanse sterrenhemel. We voelen ons echt in Afrika. We bezichtigen de oude Kashba, die eigenlijk een mooie ruïne is. Via de zwarte steen woestijn terug.
Petje af voor de "filmploeg". Het was echt klauteren zo nu en dan. We zouden nog dagen kunnen blijven, maar we willen nog zoveel. Van een Frans stel krijgen we tips die
veelbelovend klinken. Géén makkelijke wegen en maar weinig toeristen.
Noordwaarts
Achter Midelt verandert het landschap plotseling: alles is groen, het doet pijn aan de ogen. Alles verandert, we beseffen dat "kamelenland" achter ons ligt, we zijn terug bij
de geiten, schapen, koeien en paarden. De mensen veranderen. Hier agressieve verkopers. Waar is het gemoedelijke Zuiden gebleven?
In Khenifra overnachten we bij de gendarmerie en krijgen wederom tips, voor onze verdere reis. We praten met andere camperaars, en horen van hun van het mooie
cederbos, waar apen leven.
We gaan via een mooie (groene) natuur, naar de Source de L'Oum de Rhia. De smalle wegen zijn voor Florimond geen probleem, die twee zijn niet zo gauw bevreesd. Een
klaterende bron ontspringt hoog in de rotsen, we klauteren over die rotsen en aanschouwen een machtig bergmassief op de achtergrond. Voor ons de bron, die zijn weg
zoekt langs talrijke terrasvormige plateaus.
En kunnen niet aan de verleiding weerstaan tajine te eten. Het is rustgevend, het klaterende water dat aan je voorbij stroomt, het mooie kader, van rotsen en terrassen overal.
Mensen die gewoon genieten van een waterpijp. Wat een rust gaat van dit alles uit.
We beseffen al weer eens, dat het een goed besluit was alleen verder te gaan!
Vlakbij de apen overnachten we, we rijden via "enkelspoor" weggetjes door een machtig mooi cederbos en zien plotseling de eerste brutale apen. Het is een geliefd uitstapje
voor de Marokkanen, sommige apen zijn al aan mensen gewoon, anderen blijven op veilige afstand hoog in de bomen en spelen het spelletje "WIE kijkt naar WIE".
Fes
Daarna belanden we al rap in Fes. De weergoden zijn ons minder gezind (ik bespeur een lichte heimwee naar het mooie en warme zuiden). De medina is opgenomen op de
Wereld Unesco lijst, als beschermd monument.
Je verdwaalt er zonder gids, in de wirwar van de vele, vele kronkelstraatjes. In de regen is het een avontuur op zich. De zon lokt ons 's morgens naar de stad, en maakt in de
middag plaats voor een paar fikse regen- en onweersbuien. De straatjes in de medina lopen allemaal omhoog of omlaag. Iedereen wordt bevoorraad door ezels, of muilezels.
Het water stroomt naar beneden, en sleurt alles, maar dan ook alles met zich mee! Niet echt aangenaam. We doen de medina zeker en vast nog een keer over. Maar dan
met zon.
Meknes
In Meknes is de zon terug, de medina is kleiner en minder toeristisch dan in Fes. De vroegere gevangenis getuigt nog van veel leed. De paardenfokkerij is een interessante
bezichtiging.
De sfeer onderling "vervaagt", we staan op een drukke camping. Niet zo onze goesting. We missen de charme van het mooie Zuiden. We beseffen allemaal, onze reis nadert
zijn einde. We hadden meer tijd en langer in het Zuiden moeten blijven, weten we nu achteraf. Het Noorden is minder Marokko, lijkt al iets op Europa.
Voor de architectuur hoef je in de steden niet te zijn, het ziet er allemaal verwaarloosd uit. Zo ook Moulay Idriss. Veel Marokkanen maken 7 keer een bedevaart naar de
heilige stad, het is een van de belangrijkste bedevaartbestemmingen van het land, als vervanging van de "Hadj" (de pelgrimstocht naar Mekka).
We klimmen met een gids naar het hoogste punt, en hebben een mooi uitzicht over de stad, het weidse dal, en zien in de verte Volubilis liggen. Een Romeinse ruïne. Zeer
interessant, jammer dat het overwoekerd wordt door onkruid.
We koersen richting kust, willen daar een paar dagen uitblazen voor de overtocht terug naar Europa. De oorlog in Irak is inmiddels in volle gang. We horen (indianen?) verhalen
over campers, die met stenen zijn bekogeld. De zon doet haar best, edoch een frisse wind is ook van de partij. De plotselinge overgang van Zuid naar Noord breekt ons op.
Aan de mooie baai Moulay Bou Selham waar we José, Walter en hun medereizigers weer zouden ontmoeten, nemen we onder het genot van een aperitiefje, onder de heldere
Afrikaanse hemel, een wijs besluit: het was een mooie reis, die willen we nu ook wel mooi afsluiten!
We zijn verzadigd. We hebben zoveel moois gezien. We gaan naar huis.
Douane
We bezoeken nog Larache. En voor we het beseffen zijn we op de boot, die ons terugbrengt naar Europa. De overtocht verloopt vlot, we praten honderduit, en halen
herinneringen op.
John en Roland zijn in Spanje rap langs de douane; Florimond en wij staan in een andere rij aan te schuiven. Plotseling bedrijvigheid rond de moterhome van Florimond, douane
schijnt met zaklampen onder de wagen. De schrik slaat ons om het hart. We zijn vergeten te controleren of er eventueel iets onder de auto geplakt is. Maria stapt uit, ik loop
erheen. Er was niets onder geplakt maar er wordt een man onder uitgehaald.
Van die verhalen heb je wel eens gehoord, maar we zien het nu met eigen ogen. Wie had dat gedacht: Florimond en Maria als mensensmokkelaars. Het zal voor altijd een
groot raadsel blijven waar hij eronder gekropen is.
Gelukkig verder geen problemen voor hen. De douane is op de hoogte bij welke auto's ze zich makkelijk kunnen verstoppen. Wel grondige controle allemaal. Het was
geruststellend voor ons, dat Maria en Marie Thérèse onze richting uitkwamen en wachtten tot we door de douane waren. Want hoe dan ook, dit is toch een spannend avontuur.
In Algeciras kaarten we lang na bij Maria en Florimond. Het douane-avontuur en vooral over de schitterende, mooie en relaxte weken met ons achten. We nemen daags daarna
met een stiekem weggeveegd traantje afscheid, ieder gaat zijn eigen weg.
Tot slot
Aan een mooie reis was een einde gekomen. We beseffen dat de weken met de grote groep gezellig waren maar dikwijls ook gepaard ging met veel stress en spanning.
Hysterische reacties en onbeleefde botte opmerkingen (van de kant van de leiding) bij ieder eigen initiatief.
Het was een goed besluit alleen verder te gaan en we hebben ervaren dat de angst, om alleen naar Marokko te gaan, ongegrond is. We hadden veel geld kunnen besparen
als we dit eerder geweten hadden. We gaan zeker en vast terug. Er is nog veel te zien in dat vreselijk mooie land.
In naam van ons achten:
Marieke
Email: uitghent@telenet.be
Voor evt. uitgebreidere inlichtingen over kosten, de reis etc. neem gerust contact met me op!
Camper reisverlagen wenst u een goede reis!