Home!




Campersite

Campertrips



2003: Nieuw Zeeland per camper

Verslag van een rondreis per camper door Nieuw Zeeland door de fam. de Graaf. Chiel heeft het verslag inmiddels ook op zijn eigen website.


De Heenreis
Op 12 januari 2003 vertrekken wij, Nel en Chiel de Graaf, met Cathay Pacific van Schiphol voor het eerste gedeelte van onze vliegreis naar Nieuw Zeeland. Wij vliegen eerst naar Hong Kong, een vlucht van ca.12,5 uur, en hebben daar een zgn. "stopover", d.w.z. we blijven daar een nacht om bij te komen. Van die gelegenheid maken we gebruik en hebben een stadstour geboekt die ons een beeld geeft van de stad.

Het tweede gedeelte brengt ons van Hong Kong naar Brisbane (Australië), een vlucht van ruim 10 uur en hier huren we een auto en bezoeken eerst John en Lindy in Nimbin, dat is ongeveer 2,5 uur rijden vanaf Brisbane, waar we een paar dagen logeren, en daarna Fred en Elaine Ellis in Runaway Bay (vlak bij Brisbane), waar we ook twee nachtjes blijven.

Met John en Lindy hebben we een kampeerautoruil gedaan en Fred Ellis heeft mij geholpen die ruil tot stand te brengen en is bij ons op bezoek geweest toen hij zijn reis door Europa maakte, ook met een ruilcamper.
Hierna vliegen we van Brisbane naar Auckland, een vlucht van ruim 3 uur, en daar worden we opgewacht door Anne en Peter McCabe, met wie we een kampeerautoruil zijn aangegaan.

Zo'n eerste kennismaking met wildvreemde mensen is altijd weer een spannend moment in zo'n reis, we kennen elkaar uitsluitend van wat correspondentie over en weer. Maar de spanning is snel verdwenen want Anne en Peter blijken twee allerhartelijkste mensen en we voelen ons binnen de kortste keren op ons gemak bij hen. Met hen rijden we vervolgens naar Lichfield, hun woonplaats, op het noordeiland tussen Hamilton en Rotorua, iets ten zuiden van Putaruru, een rit van bijna 3 uur. We komen daar in het donker aan.

Ondanks het duister bemerken we wel dat het een prachtige omgeving moet zijn en dat blijkt ook de volgende dag. Peter en Anne wonen in een mooi huis gelegen in een prachtige landelijke omgeving. We verblijven een paar dagen bij hen en gebruiken die tijd om de camper te leren kennen en met hen een rondrit in de omgeving te maken gecombineerd met een bezoek aan de ouders van Anne, Henk en Sonja Kleijn in Mt. Maunganui. Zij zijn in de vijftiger jaren geëmigreerd naar Nw. Zeeland maar zij spreken nog prima Hollands en dat is prettig voor Nel.

Het zuidwestelijk deel van het noordeiland
Op zaterdag 26 januari vertrekken we uit Lichfield en zwaaien Anne en Peter ons (en hun camper) uit en begint de reis door Nieuw Zeeland!

Omdat eind januari de zomer al een maand oud is en we er vanuit gaan dat de zomer op het zuideiland eerder teneinde zal zijn dan op het noordeiland hebben we besloten eerst naar het zuideiland te gaan. (noot red.: anders dan bij ons ligt de evenaar ten noorden van Nw. Zeeland, daar is het dus warmer dan in het zuiden! En: het is zomer in de maanden januari, februari en maart).
Dat betekent in ons geval dat we de maand februari op het zuideiland zijn en begin maart terugkomen naar het noordeiland en daar tot begin april zijn.

Vanuit Lichfield rijden we westwaarts en bezoeken in Otorohanga het Kiwihouse, waar je in het schemerduister kiwi's kunt zien. In Waitomoi bezoeken we uiteraard de glowworm-caves, het blijkt zeer de moeite waard evenals het ter plaatse te bezichtigen museum. Je kunt beter eerst het museum bezoeken en daarna naar de grotten gaan.
Via Te Kuiti en Awakino bereiken we de westkust en we blijven de kust volgen op onze weg naar het zuiden. Je vindt hier langs de kust prachtige stille plekjes om met de camper te gaan staan, maar omdat het koud en regenachtig is rijden we door. Om dezelfde reden kunnen we van Mount Taranaki oftewel Mt. Egmont slechts de onderzijde zien, de rest is aan het zicht onttrokken door de wolken. Pech gehad want het moet bij helder weer een indrukwekkend gezicht zijn. Op een ansichtkaart kunnen we zien hoe het geweest zou zijn.

Bij Hawera slaan we af naar Tawhiti om daar het museum te bezoeken van die naam. Het blijkt een alleraardigst museum te zijn dat bestaat uit een privé verzameling spulletjes, goederen, oude machines en wat dies meer zij. Voor een entreeprijs van NZ $ 6,50 een alleraardigste en goedkope onderbreking.

Via Wanganui, waar we de Putiki Church bekijken (sleutel halen bij de buren), rijden we verder zuidwaarts door een betrekkelijk saai landschap. Wel is het hier overal heerlijk rustig.
In Plimmerton bezoeken we Mary en Brian Wesley Smith, die ook op onze oproep voor camperruil hebben gereageerd en voor wie we met Hans en Fredi van Seuren uit Petten een ruil hebben kunnen realiseren. We staan 's nachts met de camper op hun plaatsje want Hans en Fredi zijn al met hun camper op pad! Mary en Brian komen zomer 2003 naar Nederland en we nodigen hen uit bij ons langs te komen.
Omdat we nog 2 dagen over hebben maken we een ritje naar Lake Ferry en komen daarbij langs heerlijk stille en fraaie weggetjes. Op 2 februari hebben we de ferry geboekt dus de laatste nacht zoeken we een camping in Upper Hut van waaruit je ferry bijna kunt zien.

We hebben de overtocht telefonisch gereserveerd en met een creditkaart betaald en dat blijkt prima te werken want ons ticket ligt op ons te wachten. De overtocht, in dit geval met de Interislander, de gewone ferry, duurt ongeveer 3 uur en is vooral bij mooi weer een mooie tocht. Vooral het gedeelte door de "sounds" (fjorden) van het zuideiland naar Picton is mooi.

De oostkust van het zuideiland
We hebben besloten het zuideiland "om de oost" te doen omdat bij links rijden de passagier, in dit geval Nel, aan de zeezijde in de camper zit en juist aan die kant schijnt veel te zien te zijn. Een ander argument is het feit dat vrijwel iedereen "om de west" gaat en we rijden voor ons gevoel liever niet "in colonne"!

Bij Blenheim gaan we dus linksaf en vinden bij Lake Grassmere een zoutwinning met prachtige kleuren. Langs de zuidzijde van dit meer rijden we naar de kust waar een prachtige DOC-camping is (Department of Conservation, vergelijkbaar met ons Staatsbosbeheer ) waar we een nachtje blijven. De volgende dag rijden we op ons gemak langs de kust naar Kaikoura en treffen langs de weg zeehondenkolonies. Ook in Kaikoura vinden we die.
In Kaikoura boeken we een whale-watch tour en we hebben het geluk dat we vier verschillende walvissen zien. Toch wel indrukwekkend zo groot als die dieren zijn! Ook zien we dolfijnen die rond de boot spelen. Vanuit Kaikoura vervolgen we onze reis via Hwy 1(alle doorgaande wegen in NZ zijn highways, afgekort Hwy, en hebben een nummer. Maar het zijn in principe allemaal tweebaanswegen, m.u.v. de wegen bij de grote steden). De Hwy 1 loopt na enige tijd niet meer langs de kust.

Christchurch blijkt een moderne en ruime stad te zijn waar we met de camper gemakkelijk de weg kunnen vinden. Cathedral Square in het centrum is een levendig plein met een gezellige drukte in een ontspannen sfeer. Om 1 uur beklimt de wizard daar zijn trapje voor zijn dagelijkse redevoering en dat trekt erg veel luisteraars.
Overnachten doen we op campings en er zijn enkele prima campings in Christchurch. Nadat we onze defecte koelkast hebben laten vervangen door een nieuwe verlaten we Christchurch zuidwaarts via Hwy 1 en overnachten in Ashburton.

Het landschap is hier vrij vlak en eentonig en we besluiten enigszins het binnenland op te zoeken. We nemen Hwy 79 en rijden via Geraldine naar Fairly en vandaar via Hwy 8 over de Burkes Pass naar Lake Tekapo en Lake Pukaki . Het is een prachtige rit en rond de meren vinden we spectaculaire vergezichten. We rijden hier door uitgestrekte gebieden waar vrijwel geen verkeer is. Dorpjes, die op onze kaart vermeld staan, blijken veelal slechts te bestaan uit een schooltje en een paar huizen en soms nog minder dan dat...
Bij Omarama slaan we linksaf en nemen Hwy 83 terug naar de oostkust. Onderweg treffen we nog de Elephant Rocks, een rotsformatie die op deze dieren moet lijken maar je moet er wel een beetje fantasie bij hebben. Bij Moeraki bekijken we natuurlijk de "boulders", ronde stenen kogels die daar in de grond zitten en door vulkanische activiteiten ooit zijn ontstaan.
Bij Shag Point zien we weer een kolonie zeehonden, maar de pinguïns, die hier ook moeten zijn, laten zich echter niet zien. Het is inmiddels koud en guur weer geworden dus we rijden snel door naar Dunedin. Op het Otago schiereiland zoeken we de Albatrossenkolonie op, een bezoek zeker waard. We zien vanuit de uitkijkpost enkele vogels met een kuiken van vrij dichtbij zitten en kunnen ze rustig en ongestoord observeren. 's Avonds is het beste tijdstip om deze kolonie te bezoeken want dan komen de oudere vogels terug van de visvangst. Het is een indrukwekkend gezicht om deze grote vogels vlak over je hoofd te zien scheren en hun wat onbehouwen landing gade te slaan.

Omdat het de volgende morgen regenachtig is brengen we een bezoek aan Larnach Castle bij Portobello, het enige kasteel dat Nieuw Zeeland rijk is. Het is in de negentiende eeuw gebouwd door een Engelse regent en best een bezoekje waard. Na Dunedin nemen we de Southern Scenic Route, die duidelijk met borden wordt aangegeven en die ons door het Catlins Reservation Park voert. Bij Kaka Point overnachten we en de volgende morgen rijden we naar Nugget Point, omdat daarvan zo'n mooie foto in onze Nelles Reisgids stond. Het blijkt echt een prachtig plekje en dankzij het mooie weer, dat we nu hebben, genieten we er geruime tijd van.

Bij Cannibal Bay, een paar uurtjes meer zuidelijk, maken we opnieuw een uitstapje naar de kust en dat blijkt een prachtig plekje te zijn waar de zeehonden op het strand liggen te zonnen en zich absoluut niets aantrekken van de mensen. Via de Niagara Falls van Nieuw Zeeland, een minuscuul watervalletje dat, met enig gevoel voor humor, deze naam heeft gekregen, rijden we naar Curio Bay waar we bijna vanuit de camper de pinguïns kunnen observeren. Nadat we Slope Point (het meest zuidelijke puntje van het zuideiland) hebben bekeken zetten we koers richting Bluff en Invercargil. Bluff heeft een prachtige uitkijk alleen de weg erheen blijkt erg steil te zijn, we moeten een gedeelte in de eerste versnelling naar boven. Het uitzicht echter is schitterend, vooral omdat het redelijk helder is. Invercargil is een keurige en ruime stad waar je met je camper probleemloos doorheen kunt rijden.

De westkust van het zuideiland
Als we Invercargil verlaten gaan we op weg naar wat we de westkust van het zuideiland noemen. Via Riverton, waar we onze tweede lekke band laten repareren, rijden we naar Colac Bay, een lieflijk plaatsje waar veel paua-schelpen worden gevonden. We volgen nog steeds de Southern Scenic Route en verlaten voorbij Waihoaka voorlopig de kust omdat in het Fiordland, dat nu volgt, geen wegen zijn aangelegd.
Bij Clifden overnachten we bij de Historic Bridge en maken kennis met het grillige weer van dit gebied wat in ons geval betekent flinke regenbuien. De volgende dag is het echter opnieuw prachtig weer en kunnen we volop genieten van het schitterende landschap.

In Manapouri vinden we aan het meer van diezelfde naam een prachtige pauzeplaats waarna we doorrijden naar Te Anau, een vrij drukke plaats, uitvalsbasis voor bezoeken aan de Milford Sound. Wij zetten ook koers naar de Milford Sound en worden weer eens verrast door de grillen van het weer hier. 's Morgens nog prachtig weer, 's middags stortregen. Volgens onze reisgids valt in dit gebied 7000 mm regen per jaar en ik heb het idee dat wij daarvan een flinke portie hebben zien vallen!

De rit van en naar de Milford Sound is prachtig en de Milford Sound zelf is echt een hoogtepunt. Ondanks de kou en de regen is het hier prachtig en je kunt hier de meest fraaie foto's nemen.

Ook de boottocht de volgende morgen is schitterend. Tijdens de rit terug zien we bij de Homertunnel, dat is de tunnel die je moet passeren om bij de Milford Sound te komen, de sneeuw langs de weg liggen en op het hoogste punt sneeuwt het nog steeds. De tunnel zelf eist de nodige voorzichtigheid, hij is niet of nauwelijks verlicht en erg krap. Er zijn speciale stukken waar de grotere voertuigen elkaar kunnen passeren en d.m.v. lichtsignalen wordt dat aan elkaar doorgegeven. Een kwestie van even opletten!

Onze volgende bestemming is Queenstown en hemelsbreed is dat niet zo ver maar om er te komen moet je toch een rit van bijna 300 km maken via Te Anau, Mossburn, Five Rivers en Kingston. Queenstown zelf is een echt toeristisch centrum en het is er druk. Het is een soort speeltuin voor volwassenen: je kunt er bungy-jumpen, sky-diven, wildwatervaren met allerlei soorten vaartuigen, mountain-biken en noem maar op .We hebben dat wel snel bekeken en zoeken Arrowtown op waar we een heel leuk en lieflijk plaatsje aantreffen geheel in oude stijl. Het is een oud gouddelversstadje, wat aan verschillende dingen nog valt af te lezen. Nu is het een mooi en rustiek toeristisch plaatsje waar je genoeglijk rondwandelt.

We gaan nu de route naar de Haast Pass opzoeken om op die manier de kust weer te kunnen bereiken. Via Wanaka rijden we langs Lake Hawea en Lake Wanaka en vinden hier de meest mooie plekjes om even te stoppen en van het schitterende uitzicht en weer te genieten. Ook in de pas zelf is het landschap schitterend en vraagt erom om regelmatig te stoppen en te genieten en dat doen we dan ook!
Bij Haast Beach vinden we een mooi plekje in de duinen om te overnachten nadat we nog naar Jackson Bay zijn geweest. Dit moest volgens mensen, die we onderweg spraken, zo prachtig zijn maar dat viel ons wat tegen.

Ook maken we hier voor het eerst in aanzienlijke getale kennis met de beruchte sandflys, een kennismaking die wat ons betreft niet als aangenaam valt aan te merken. Je krijgt van de steken van dit heel kleine vliegje na enige tijd behoorlijke jeukbulten die geruime tijd last blijven veroorzaken.

Vanaf hier rijden we weer langs de kust maar bij Knight's Point gaat de weg weer een stukje landinwaarts tot ze bij Bruce Bay weer parallel met de kust loopt. Hierna gaan we richting de gletsjers, maar we bezoeken eerst nog Lake Matheson dat bekend staat om zijn prachtige spiegelingen in het water.
We bezoeken eerst de Fox Glaciër waar we met de camper vrij dicht bij kunnen komen, althans bij het onderste uiteinde van de gletsjer.

In Franz Josef overnachten we en besluiten we de volgende morgen, omdat het prachtig helder weer is, een rondvlucht boven de gletsjers te maken. We kiezen voor een lange helikopterrondvlucht die ook over Mount Cook vliegt, een vlucht van ongeveer 50 minuten. Het wordt een onvergetelijke ervaring, het is nauwelijks uit te leggen hoe mooi het daarboven is, zonder meer een aanrader maar de kosten van NZ$ 260 per persoon zijn behoorlijk.

Onze route langs de kust noordwaarts brengt ons vervolgens naar de Pancake Rocks bij Punakaiki en het is snel duidelijk waar de naam vandaan komt. Het lijken stapels pannenkoeken en tijdens een mooie rondwandeling kunnen we dat op ons gemak bekijken, vooral ook omdat we hier prachtig weer hebben.
Bij Westport houdt onze route langs de kust op en, nadat we nog een kijkje bij Cape Foulwind hebben genomen, zoeken we de weg op die ons door de prachtige Buller Gorge voert. Via deze Hwy 6 en de Old Hwy 61 rijden we naar Motueka en vandaar door naar Kaiteriteri en Marahou, in feite de toegang tot het Abel Tasman NP.

Het is hier prachtig en warm weer en zodra ik een mooi stukje strand zie neem ik eerst een duik om wat af te koelen. Vanuit Kaiteriteri en Marahou kun je wandeltochten maken in het Abel Tasman NP, je kunt met een boot langs de kust en je op diverse plaatsen af laten zetten om terug te wandelen en je kunt er kajakken wat door het heldere water een belevenis moet zijn. Wij aanschouwden dit alles en besloten daarna met de camper verder het park in te trekken omdat wandeltochten en kajakken niets voor Nel is vanwege haar lichamelijke omstandigheden.

Via Hwy 60 rijden we over een prachtige route naar Tanaka en van daar rijden we eerst door naar de uiterste noordpunt van het zuideiland bij Port Puponga en vandaar naar Cape Farewell. Ook hier treffen we weer zeehonden langs de kust aan. Het is hier vrij ruig en winderig, je kunt goed zien dat de elementen op dit punt een belangrijke rol spelen.
Als we terug zijn in Tanaka rijden we langs de kust van de Golden Bay naar het Abel Tasman NP en daar rijden we door het tropische regenwoud naar Totaranui aan Awaroa Bay ook wel Golden Bay genoemd. Als je het strand ziet weet je meteen waarom, het zand is hier goudgeel van kleur. Het is hier echt schitterend mooi en je zou hier zo een tijdje blijven hangen.

Na een nachtje gaan wij weer op pad want we moeten over twee dagen bij de ferry staan die we voor 2 maart hebben gereserveerd. Via de gezellige maar vrij drukke plaats Nelson rijden we richting Picton, nog steeds over Hwy 6 maar we besluiten bij Havelock de Queen Charlotte Scenic Drive te nemen, een fraaie route met prachtige vergezichten over de sounds.

Via de "snelle" ferry, The Lynx (is wel zo'n 35% duurder dan de "gewone"), zijn we in twee uur terug op het noordeiland en na aankomst in Wellington besluiten we die middag nog een bezoek te brengen aan het Te Papa museum. Het museum is vanaf de ferry in 5 minuten bereikt en je kunt er goed parkeren met een camper. We zijn niet zulke museumbezoekers maar genieten toch van dit moderne en zeer gevarieerde museum.

Vanuit Wellington gaan we via Masterton en Waipukurau naar Hastings waar ons volgende reisdoel, de Jan van Gentenkolonie bij Cape Kidnappers, is gelegen aan de oostkust van het noordeiland. De route is, na al het fraais van het zuideiland, vrij saai en omdat het regenachtig weer is rijden we in ruim een dag naar Clifton waar de excursies naar Cape Kidnappers vertrekken.
De volgende morgen is het prachtig weer en maken we een schitterende excursie naar deze kolonie. Gezeten op een soort landbouwwagens worden we met trekkers over het smalle strand en soms door de branding naar de kolonie gereden, een belevenis op zich. En de trekkerchauffeurs weten hun passagiers onderweg prima te vermaken. Het bezoek aan de kolonie is een belevenis op zich, er zijn duizenden vogels en je kunt ze aanraken, zo mak zijn ze.

Na de prachtige stad Napier bezocht te hebben volgen we de PCH (Pacific Coast Hwy), een goed aangegeven toeristische route die voorlopig Hwy 2 langs de oostkust volg. In Tangoio vinden we een prachtige overnachtingsplaats aan het strand in gezelschap van enkele NZ-campers. Toeristen komen we hier bijna niet meer tegen, die nemen blijkbaar allemaal na Napier Hwy 5 richting Taupo en Rotorua.

Wij rijden richting Gisborne en lassen een stop in op het mooie maar vooral rustige schiereiland Mahia. Omdat onze wasmand vol is zoeken we een camping op en dankzij het mooie weer ligt alles 's avonds weer schoon in de kastjes. Nel ook weer gerust.

In Gisborne worden we verrast op onze derde lekke band maar dankzij Hankook Tyre Service is dat binnen een uur voor NZ$ 25 weer verholpen. In Tolaga Bay vinden we weer een prachtig plekje aan het strand om te overnachten, wederom in gezelschap van enkele kiwi's (inwoners NZ).
De volgende dag is het mooie weer op en wordt het regenachtig en guur en dan lijkt alles lang niet zo mooi. In Te Araroa staat de grootste pohutukawa-boom van Nieuw Zeeland, althans volgens onze reisgids, en die gaan we bekijken. Ter plaatse tanken we tevens de duurste diesel van Nieuw Zeeland, we betalen NZ$ 0,96 per liter en dat is behoorlijk duurder dan het gemiddelde dat zo tussen 0,70 en 0,75 ligt. Maar beter dure diesel dan geen diesel.

We blijven de 35 volgen die ons over een hele rustige route langs de kust voert en ons telkens weer verrast met mooie plekjes. Bij Opotiki nemen we Hwy 2 en die voert ons naar Rotorua onze volgende reisdoel. In Hell's Gate, even ten noorden van Rotorua, kun je de pruttelpotten en andere vulkanische bronnen en heetwater pools tijdens een niet te lange wandeling prima bezichtigen en je kunt er ook thermische baden en dergelijke nemen. Dit schijnt zeer geneeskrachtig te zijn maar we hebben het niet gedaan.

In Rotorua bezoeken we de "Whakarewarewa Thermal Village", een Maori woongemeenschap te midden van hete bronnen en zwaveldampen. Hier zien we ook een folkloristische Maori show met zang en dans.
Als we hierna richting Taupo rijden zien we na enkele honderden meters de Whakarewarewa Thermal Valley bij het Maori Arts-en Craft Institute. Het is ons niet helemaal duidelijk wat hier te zien is en als we bij de kassa onze tickets van The Thermal Village laten zien blijkt dat er twee elkaar beconcurrerende attracties zijn die vrijwel hetzelfde bieden, waarbij The Thermal Valley de officiële schijnt te zijn en de andere is daar een afscheiding van. We krijgen 50% korting op deze entree als goedmakertje.

Tegen de avond rijden we richting Taupo en vinden langs de Waikato River een prachtig overnachtingplaatsje genaamd Reid's Farm. We staan heel dicht langs de fraaie rivier maar als het 's avonds begint te stortregenen zoeken we toch maar een wat hoger gelegen deel van het terrein op, je weet maar nooit hoe hoog en hoe snel het water kan stijgen.
In Taupo doen we inkopen en drinken koffie aan de oever van het prachtige Lake Taupo. 's Middags bezoeken we het thermische gebied bij Taupo, genaamd Craters of the Moon. Dit gebied is wat minder spectaculair dan dat in Rotorua maar de wandeling is fraai.
In Taupo, maar ook in Rotorua, is het weer behoorlijk toeristisch en je kunt er kiezen uit het volledige arsenaal aan adrenalinestoten, zoals skydiven, parapenten, mountainbiken, diverse rondvluchten etc. Ze zullen ons wel saai of zuinig vinden maar we maken van al dit moois geen gebruik, wij komen voor het land en de natuur.

Van Taupo rijden we via een andere route, over Hwy 1 en Hwy 30 terug naar Rotorua waar we de schapenshow in het Agrodome bezoeken. In de aankondigingen staat dat alle schapenrassen van de wereld hier aanwezig zijn en als oud-Texelaars willen we natuurlijk wel even controleren of het Texelse schaap er bij is. Dat blijkt inderdaad het geval te zijn!
De show is wervelend en absoluut de moeite waard. Wat opvalt in Nieuw Zeeland is dat de Nieuw-Zeelanders trots zijn op alles wat belangrijk is voor hun economie en vooral op hun agrarische industrie. Ook en vooral de niet agrarische mensen zijn daar trots op en dat maak je hier in Nederland toch niet vaak mee.

Omdat het regent besluiten we richting oostkust te gaan en we nemen de route over Pyes Pa en gaan via Tauranga naar Mt. Maunganui, waar we Henk en Sonja Kleijn willen opzoeken, de ouders van Anne, maar ze zijn helaas niet thuis. In Tauranga willen we nog de broer van Hilda Lakeman opzoeken om hem een enveloppe met foto's te brengen die Hilda ons heeft meegegeven, maar hij blijkt niet meer te wonen op het opgegeven adres. De nieuwe bewoners kennen hem en zullen er voor zorgen dat de enveloppe op zijn plaats komt.

Via Te Aroha, waar we Theo en Jopie van der Lee (oorspronkelijk afkomstig uit Ursem) bezoeken reizen we naar het schiereiland Coromandel. Dit is ook weer een prachtig stukje van NZ en we zien en voelen hier voor het eerst hot-water-beach, waarbij de ondergrond zo heet is dat niet alleen het water er door wordt verwarmd maar ook je voeten en als je niet oppast moet je op de blaren lopen.
Bij Hahei maak ik een wandeling naar Cathedral Cove, een wandeling van ruim een uur waarbij je op een prachtig stukje strand terecht komt met een fotogenieke doorkijk door een rots.
Bij de plaats Coromandel, die vrij toeristisch is, bezoeken we de Driving Creek Railway, waarbij je voor NZ$ 15, - pp. in een rit van ongeveer een uur met een smalspoortreintje door het tropische woud wordt gereden met als hoogtepunt een prachtige uitkijk.

Langs de westkust van Coromandel bereiken we Thames en gaan na Thames bij Kopu rechtsaf richting Auckland. We rijden nu merkbaar door een delta want het is hier zo vlak als in Noord-Holland. Ook is goed merkbaar dat we in een drukker gebied terecht komen, het is hier een stuk drukker op de weg. Bij Waitakaruru, waar de drukke weg naar Auckland rechtdoor gaat, slaan wij rechtsaf en volgen weer PCH die ons langs de kust voert. Hier treffen we langs de kust vogelreservaten aan en bij Kaiaua vinden we een mooi plaatsje aan het strand voor de nacht.

De volgende dag rijden we via Whitford Auckland binnen in het stadsdeel Howick en rijden door de zeer uitgestrekte stad noordwaarts totdat we via de Harbourbridge in het noordelijke stadsdeel uitkomen. We rijden nu op Hwy 1 en dat is hier een zes- of soms zelfs achtbaans weg maar na Orewa. Ongeveer 10 km ten noorden van de stad is het weer de gewone tweebaans weg zoals we die al geruime tijd kennen. In Mahurangi, ongeveer 25 km ten noorden van Auckland, vinden we een prachtig plekje aan de kust om te overnachten.
In Mangawhai Heads zoeken we weer een garage op om de olie te laten verversen en een klein mankement te laten verhelpen. In Whangarei moet een klokkenmuseum zijn en dat willen we bezoeken. Bij aankomst blijkt het een klokkenfabriek te zijn waar men werkt met het hout van de kauri boom. Erg interessant vinden we dat niet dus dat hebben we snel bekeken. In deze plaats is bij de war-memorial, dat boven op een heuvel is geplaatst, een mooie uitkijk waarbij je een mooi uitzicht hebt over Whangarei en omgeving.

In Paihia aan de Bay of Islands, boeken we een boottrip door deze baai en dat is, ondanks het ruwe weer, een mooie trip. Onderweg heb je prachtig zicht op de vele eilanden en eilandjes die hier liggen. Ook de dolfijnen laten zich weer zien en blijken belangrijk groter te zijn dan bij Kaikoura op het zuideiland. Einddoel van de tocht is een "hole in the rock" bij Cape Brett, waarna de tocht langs een andere route terug gaat. De tocht duurt 3,5 uur en is zijn geld (NZ$ 60, - pp) zeker waard.
Bij Waitangi brengen we natuurlijk een bezoek aan het treaty house, waar de overeenkomst tussen de Maori's en de "nieuwe" bewoners van Nieuw Zeeland in 1840 is ondertekend. We volgen de PCH en deze brengt ons via Hwy 10 in de richting van het noordelijkste puntje van het noordeiland. Bij Awanui komen Hwy 10 en Hwy 1 bij elkaar en gaan samen verder als Hwy 1F naar de noordpunt, Cape Reinga. Halverwege deze ca.110 km lange weg overnachten we op een DOC-camping waar we moederziel alleen staan. 's Nachts wordt Nel ziek en heeft behoorlijk koorts als gevolg van een kou die ze heeft opgelopen. Daar ik zelf ook al niet erg fit ben besluiten we de volgende morgen terug te keren naar de bewoonde wereld en op een camping in Kaitaia zieken we een paar dagen uit.

We willen toch wel graag Cape Reinga zien en besluiten een bustrip te boeken met Sand Safari's, dit is een trip van een hele dag, kosten NZ$ 45,- pp inclusief een lunch en een bezoek aan een gum-diggers museum. Deze bussen rijden een gedeelte van de heen- of de terugreis, dat is afhankelijk van het tijdstip waarop het laag water is, over het strand, de Ninety Mile Beach, iets wat je met je camper beter niet kunt doen. Ook is er een stop bij de hoogste zandduinen bij Te Paki en met een klein sleetje kun je van deze duinen af glijden. Al met al een mooie dag.

We gaan nu voor het eerst sinds geruime tijd weer zuidwaarts en volgen nog steeds de PCH. Bij Rawene nemen we de ferry over de Hokianga Harbour en bij Opononi en Omapere vinden we prachtige uitzichten over de baai en de aan de overzijde gelegen zandduinen. Dank zij onze digitale camera is fotograferen een stuk goedkoper geworden en daar maken we dankbaar gebruik van.

Na Omapere gaat de weg weer wat van de kust af en we bereiken Waipoua Forest, een prachtig tropisch regenwoud waar de grote kauri bomen staan. De grootste is Tane Mahuta en deze is met een korte wandeling te bereiken. In dit woud vinden we even later een prachtige DOC-camping waar we de nacht doorbrengen.
Voor Dargaville slaan we rechtsaf en zoeken we de kust nog een keer op, het is inmiddels weer mooi weer en in Baylys Beach vinden we een mooi en hard strand. Iedereen rijdt hier met zijn auto het strand op en af en wij rijden met de camper ook een klein stukje het strand op.
Het strand blijkt hard genoeg te zijn voor zwaar verkeer maar we voelen ons toch niet zo erg op ons gemak. We zijn er pas weer gerust op als we zonder problemen de verharde weg weer onder onze wielen hebben.

In Matakohe bezoeken we het Kauri en Pioneer Museum, waar op boeiende wijze wordt uiteengezet hoe de ontginning van dit gebied heeft plaats gevonden. We komen nu terug op de drukke Hwy 1 maar bij Wellsford, 20 km zuidelijker, verlaten we die weer en nemen we Hwy 16 die ons naar Helensville voert. Bij het naderen van Auckland blijven we de PCH volgen en die voert ons via leuke binnendoor weggetjes naar de Scenic Drive (deze weg heet zo) en die doet zijn naam eer aan. Vlak voor Auckland hebben we een prachtig uitzicht op Auckland, alleen jammer dat het niet erg helder is.
Via het stadsdeel Titirangi komen we Auckland binnen en we besluiten een camping op te zoeken die dicht bij het centrum ligt. In het stadsdeel Remuera vinden we die en van daaruit rijden we de volgende morgen met de camper naar het Auckland Museum, dat we bezoeken. Er is daar voldoende parkeergelegenheid vooral dankzij het feit dat we vroeg zijn. 's Middags rijden we door het centrum en over Queen Street, de winkelstraat van Auckland. Daarna langs de havens. Omdat het regenachtige weer niet uitnodigt tot wandelen of winkelen, besluiten we de stad zuidwaarts te verlaten. Auckland is erg uitgestrekt en we hebben bijna twee uur nodig om buiten de stad te komen.

Bij Ramarama overnachten we op een camping. Het is nog steeds regenachtig en dat valt wat tegen maar volgens de kiwi's is dit zeer uitzonderlijk en is er sprake van een slechte zomer. Vanaf nu rijden we binnendoor over landelijke en rustige wegen en strijken uiteindelijk neer in Raglan, een mooie en rustige vakantieplaats. Alleen het weer is nog steeds niet zo best.
De volgende morgen is echter de zon terug en we rijden een mooie route naar Kawhia en bezoeken onderweg nog de fraaie Bridal Veil Falls. Als ik in Kawhia op het strand loop wijst iemand mij erop dat er hier ook een "hot-water-beach" is. Als ik op de aangewezen plek mijn schoenen uit trek voel ik al dat de grond warm is. Als ik in het ondiepe water ga staan te trappelen, zodat mijn voeten in het zand zakken, moet ik stoppen om mijn voeten niet te verbranden, zo heet als het is!

Vanuit Kawhia rijden we via Te Anga richting Waitomo, een werkelijk prachtige route met onderweg de Marokopa Falls en de Mangapohue Natural Bridge. We naderen nu het einde van onze rondreis. Via Otorohanga rijden we nog naar Hamilton en vandaar "binnendoor" naar Cambridge en Lake Karapiro waar ook de meest fraaie plekjes zijn te vinden. Via Putaruru rijden we terug naar Lichfield en kunnen we de camper onbeschadigd, maar met 8.620 km meer op de teller, bij Peter en Anne afleveren!

De terugreis
Doordat we vanuit Nederland gebeld worden met het bericht dat er een negatief reisadvies van kracht is voor Hong Kong als gevolg van SARS, besluiten we onze stopover in Hong Kong te annuleren. Dit zal echter betekenen dat we ons moeten prepareren op een lange terugreis. We blijven een dag langer bij Peter en Anne en op dinsdagmorgen 8 april vertrekken we rond 7 uur 's morgens uit Lichfield voor de 2,5 tot 3 uur vergende rit naar Auckland. Tegen 10 uur arriveren we op het vliegveld en de wijziging in ons reisschema is bij Cathay Pacific bekend, dit tot onze grote opluchting want de wijziging is via het kantoor in Amsterdam geregeld door Nancy. Om 12.50 uur gaan we exact op tijd de lucht in en vliegen in 11,5 uur naar Hong Kong.
Onderweg worden we allemaal voorzien van mondkapjes en die doen we natuurlijk voor. In Hong Kong arriveren we in een onweersbui en omdat de duisternis al is gevallen geeft dat felle lichtflitsen te zien. Na 3 uur wachten in Hong Kong vertrekken we om middernacht voor een vlucht van 12,5 uur naar Amsterdam. We zien daar erg tegen op want we zijn al behoorlijk moe. Na het eten in het vliegtuig nemen we een slaappil en we slapen 4-5 uur. Wanneer we wakker worden zijn we al over de helft. We nemen nog een slaappilletje en slapend en soezend zitten we het laatste stuk van onze reis uit.
Uiteindelijk komen we keurig op tijd op Schiphol aan waar Nancy al op ons staat te wachten. Na een uurtje in de auto zijn we om half negen in de ochtend weer thuis na een reis die 34 uur heeft geduurd en dat is eigenlijk te erg. Nel heeft daarna bijna twee weken nodig gehad om weer de oude te worden...

Tot slot
Na bijna 3 maanden Nieuw Zeeland krijg je steeds meer het gevoel dat Nieuw Zeeland het mooiste land ter wereld is. Ik mag dat niet zeggen want ik heb nog teveel landen niet gezien. Maar dat Nieuw Zeeland een heerlijk land is om te bereizen is voor ons absoluut een feit.
Dat komt vooral door het heerlijke gevoel van vrijheid dat je daar kunt hebben, de geweldige natuur en de heerlijke ontspannen manier waarop je daar kunt reizen. Tel daarbij de gastvrijheid van de kiwi's en het beeld is compleet. Het is een land waar je je gewoon erg prettig voelt en, wat ook niet onbelangrijk is, het leven is er voor ons niet duur. Al met al een heerlijk land!

Chiel de Graaf, voorjaar 2003.


Camper reisverlagen wenst u een goede reis!

 

CAMPERTRIPS is bedoeld als bron van
informatie. Ook uw verhalen zijn welkom!
© 1997 - 2005. Aloys de Vries